parallax background

De cameramarkt zomer 2019 ….en de trein dendert voort!


De cameramarkt zomer 2019
….en de trein dendert voort!

Zoals jullie wellicht hebben gemerkt heb ik mijn blog wat aangepast. Waar ik voorheen véél en regelmatig uitleg gaf over de werking van camera’s, schrijf ik nu vooral opiniestukken en schrijf ik over mijn visie op de cameramarkt. Voor wat betreft uitleg over camera’s en de werking ervan en over uitleg over het bewerken van je foto’s maak ik tegenwoordig juist YouTube filmpjes. 

Dus niet getreurd, beide doe ik nog steeds! Maar voor uitleg over camera gerelateerde zaken kun je dus terecht op mijn YouTube Kanaal, terwijl je op deze blog op de hoogte kunt blijven van de laatste ontwikkelingen in de cameramarkt.


DE APENROTS

Het zal jullie misschien ook zijn opgevallen dat ik momenteel veel schrijf over ‘Full Frame’. Dat is níet omdat ik dit marktsegment belangrijker vind, maar vooral omdat juist binnen dit marktsegment er momenteel veel gebeurt. De cameramarkt is namelijk volop in beweging en de verschuiving vindt vooral plaats binnen dit segment omdat Sony, Nikon én Canon daar het gevecht uitspelen om wie de grootste en belangrijkste camerafabrikant voor de komende decennia gaat worden.

We zien dat ook terug in de strategie van deze camerafabrikanten.
Zo kon Sony het de afgelopen tijd uiteraard wéér niet laten om binnen dit segment zich te doen laten gelden als het ‘Alpha’ mannetje op de spreekwoordelijke apenrots.

Zo maakte Sony onder andere bekend dat zij de nummer één is op het gebied van ‘Full Frame’ tussen oktober 2018 en mei 2019. Dit klopt overigens alleen als we kijken naar de Verenigde Staten, want daarbuiten ligt het toch allemaal nét even genuanceerder, maar dat terzijde.

Sony wil graag het alphamannetje zijn en laat zijn tanden maar al te graag zien.

Dat Sony hierbij duidelijk het zilverrug mannetje wil zijn blijkt ook wel uit het feit dat Sony géén harde cijfers naar buiten brengt en zich beroept op niet onderbouwde percentages. Dat ‘#1 on Full Frame’ kan evengoed gaan om aantal verkochte camera’s als om het aantal verkochte Full Frame sensoren. In dat laatste geval hoeven we niet te twijfelen dat Sony inderdaad de nummer één positie inneemt. Immers Sony is een OEM leverancier en levert niet alleen sensoren aan haar eigen camera divisie, maar ook aan Nikon, Panasonic en Leica. Kortom; een hoop getrommel op de borst, maar het zegt niet zo heel veel. In die hoedanigheid zal Sony inderdaad flink meer Full Frame sensoren verkopen dan Canon.

Daarmee wil ik overigens niet onderkennen dat Sony geen goede zaken doet. In tegendeel zelfs! Maar je moet één en ander wel wat meer in perspectief zien. Ik ben er van overtuigd dat Sony een prima nummer 3 speler is in de cameramarkt en dat zij hard aan de weg timmert om haar marktaandeel te vergroten.

Tegelijkertijd het is óók nog steeds zo dat ongeveer de helft van de Full Frame camera’s die er over de toonbank gaan een spiegelreflexcamera is en géén systeemcamera betreft. Daar komt bij dat Nikon en Canon het afgelopen jaar beide hun eigen Full Frame systeemcamera’s hebben geïntroduceerd. Daarmee is de hegemonie die Sony in het segment Full Frame systeemcamera’s had gebroken.

Marktontwikkeling volgens Sony; Let wel op de typische Sony benadering waarbij géén aantallen worden genoemd, maar men lekker in algemeenheden blijft. Dat wil zeggen percentages zonder feitelijk aantoonbare en controleerbare aantallen.

Toch heeft het me wel aan het denken gezet. Nikon bijvoorbeeld heeft een duidelijk andere strategie voor ogen dan Canon en Sony. 

Nikon heeft met de introductie van haar Z-Serie camera’s duidelijk ingezet om de leegloop te doen stoppen. Het is duidelijk dat Nikon in ieder geval haar nummer twee positie in de cameramarkt wilt behouden en misschien wel graag weer de nummer één wilt worden. Dat laatste lijkt wat ambitieus, maar is (op de wat langere termijn) niet onmogelijk. Voorlopig richt zij zich vooral op het behouden van een zo’n groot mogelijke winstmarge om daarna weer te kunnen groeien. Nikon lijkt daarmee overigens geen haast mee te hebben. 

Niet zo gek ook, want Nikon komt net uit een malle achtbaan. Die duikel naar beneden heeft in ieder geval geleidt tot een andere manier van denken en waarbij ongetwijfeld nu gewerkt wordt aan de executie van al die nieuwe plannen die Nikon voorheeft. Wanneer we kijken naar de laatste cijfers die Nikon heeft vrijgegeven, dan lijkt het erop dat Nikon in het afgelopen half jaar méér dan 100.000 systeemcamera’s uit de Z-Serie heeft weten te verkopen. Ook de verkopen van de Nikon D850 lijken behoorlijk sterk te blijven, maar nemen wel wat af. Terwijl de verkopen van de D610 en D750 daarentegen toch wat sterker lijken af te nemen. Kijkend naar de sterke vraag naar de Nikon Z6, dan lijkt het erop dat de strategie die Nikon heeft uitgestippeld lijkt te gaan werken.

Sony heeft daarentegen héél andere aspiraties. Sony wil graag de nummer één speler worden binnen de cameramarkt en neemt het daarom duidelijk op tegen Canon. Je mag best zeggen dat Sony deze ambitie al lange tijd koestert. Als sinds de overname in 2006 van Konica/Minolta door Sony heeft zij deze droom. De strategie die zij daarvoor heeft gehad is lange tijd wat onduidelijk geweest, maar de introductie van de Sony A7 serie in 2014 heeft hen geen windeieren gebracht.

Het is knap dat je een totaal nieuw marktsegment hebt weten open te breken én dat je destijds als relatief kleine speler nu bent uitgegroeid tot een geduchte concurrent op het gebied van Full Frame camera’s. Die explosieve groei van Sony en het gigantische aantal overstappers dat van Canon overstapt naar Sony heeft bij Canon duidelijk tot een panieksituatie geleid.

Er is bij Canon momenteel overduidelijk géén sprake van een consistent marketingbeleid. Er heerst chaos! Dat zien we terug in de productlijn die Canon momenteel voert. De EOS-M lijn (APS-C systeemcamera’s) heeft géén enkele overlap met de nieuwe EOS-R lijn (Full Frame camera’s). De twee type camera’s vertonen geen enkele overeenkomst met elkaar. Zo is er is géén enkele mogelijkheid om als Canon APS-C systeemcamera gebruiker door te groeien naar de EOS-R systeemcamera’s van Canon, omdat beide systemen incompatible met elkaar zijn. 

Canon’s roadmap blijft ondoorgrondelijk; een serie van hoogwaardige professionele objectieven waar momenteel geen matchende camera’s uit de EOS R lijn tegenover staan.

Daar komt nog bij dat binnen het EOS-R segment de geïntroduceerde camera’s geen enkele samenhang hebben met de door Canon geïntroduceerde EOS RF objectieven. Zo zijn de EOS R en EOS RP duidelijk gericht op instappers- en amateurfotografen, terwijl de door Canon geïntroduceerde RF objectieven met name gericht zijn op de bovengemiddeld professionele gebruikers. Er is bij Canon dus een complete mismatch tussen ‘lens’ lineup en camera lineup.

Veel gebruikers binnen het Canon kamp zijn dus afwachtend, óf springen (alsnog) nog steeds net zo hard overboord als dat dit bij Canon een jaar geleden al gebeurde. Canon lijkt momenteel een stuurloos schip. Zij bevinden zich momenteel in een soortgelijke situatie als waarin Nikon een jaar of twee geleden verkeerde. Tegelijkertijd moet ook gezegd worden dat ook Nikon nog steeds geen veilige haven heeft bereikt.
Zo moet Nikon nog wat kleine dingen gladstrijken.

Allereerst moeten er nog één of twee nieuwe modellen Nikon Z-systeemcamera’s bijkomen (een model voor instappers en een meer professionele camera) en moet Nikon er alles aan doen om de 3D AF tracking in haar Z-Serie camera’s  terug te brengen. Jawel! Nikon moet aan de slag met haar versie van ‘Kaizen’!.

Canon heeft momenteel overigens wel grotere problemen.
Niet alleen is hun sensortechnologie flink veroudert. Zo moeten Canon haast maken met het vergroten van het dynamisch bereik en harder werken om ruis te verminderen bij hogere ISO waardes, maar moet zij er ook voor zorgen dat haar line-up van zowel camera’s als objectieven beter gaat matchen bij de beoogde doelgroepen. Bovendien ontbreekt het Canon camera’s aan een ingebouwd stabilisatiesysteem (IBIS) dat tegenwoordig eigenlijk bij geen enkele camera meer mag ontbreken. De EOS R is dus overduidelijk in een overhaaste beslissing geïntroduceerd en dat doet ze momenteel meer pijn dan goeds.

Van de door Sony gecreëerde chaos maakt zij overigens dankbaar gebruik. Op de korte termijn zal Sony daarom het voordeel behouden dat zij heeft weten op te bouwen. Voor Sony is het daarom nu zaak om van haar korte termijn succes ook een succes te maken op de langere termijn. Gezien het feit dat Canon nog steeds niet in staat lijkt te zijn om de leegloop te stoppen is er een steeds groter wordende kans dat het Sony zal lukken om inderdaad die nummer één speler in de cameramarkt te kunnen worden. Canon zal in dat geval met lede ogen moeten aanzien dat zij weleens terug kunnen vallen naar de nummer twee óf zelfs drie positie als zij haar zaakjes niet snel op orde weet te krijgen.


ROADMAPS EN BELOFTES

Nu we hebben gezien hoe de camerafabrikanten worstelen om marktpositie, kunnen we ook eens even kijken hoe het eigenlijk staat met de verschillende roadmaps voor objectieven. Zowel Canon als ook Nikon hebben een flinke waslijst met objectieven gepresenteerd tijdens de introductie van hun nieuwe camerasystemen. Die waslijst noemen we met een chique woord ‘roadmap’. 

Dus als we de kalender naast de verschillende roadmaps leggen dan zien we dat 1 januari 2020 nog slechts 4 maanden van ons verwijdert is. Op de roadmap van Nikon betekent dit dat we voor dit jaar nog 3 objectieven mogen verwachten en Canon zou zelfs nog 4 objectieven moeten introduceren voor het einde van dit jaar. Betekent dit dat September bol zal staan van de aankondigingen?

Nikon Roadmap. (Semi-)Professionele camera’s én een matchende roadmap van objectieven.

Nikon heeft dat beter aangepakt. De nieuwe Nikkor objectieven voor haar Z-Systeem sluiten keurig aan bij zowel de gevorderde amateurs als ook de professionele gebruikers. Voor Nikon geldt meer dat zij nog een camera in de instapklasse moet introduceren en als we de geruchten mogen geloven gaat ook dat nog gebeuren. Ook voor Nikon gaat op dat het meest professionele model pas aan het begin van 2020 wordt verwacht.


PLANNING EN TOEKOMSTIGE MARKETING STRATEGIEËN

Nu we het toch over een tijdspad hebben en verwachte introducties. Laten we dan ook reëel proberen te blijven. De meeste mensen gebruiken hun camera’s niet iedere dag. Daar ben je het ongetwijfeld mee eens. Bovendien denk ik dat veel mensen hun camera over het algemeen slechts rond bepaalde periodes in het jaar kopen. We noemen dat in marketing termen ‘event driven sales’. Zo zijn er eigenlijk slechts twee belangrijke periodes per jaar. De sinterklaas- en kerstperiode én de periode nét voor de zomervakantie.

Dit jaar lijkt er echter iets raars aan de hand. Niet zozeer met die grote aankoopperiodes, maar wel met de timing die fabrikanten hanteren om hun producten aan te kondigen. Fujifilm introduceerde onlangs twee objectieven midden in de zomerperiode. Één van die objectieven de XF16-80mm f4 is bijvoorbeeld pas in September leverbaar, terwijl dit een reisobjectief bij uitstek is. Daarmee lijkt Fujifilm een belangrijke aankoopperiode te hebben gemist.

Fujinon XF16-80mm F4 – Een prachtig objectief voor reis en documentaire fotografie. De vraag is waarom is dit objectief in de zomer geïntroduceerd, was Fujifilm te laat of heeft zij iets anders voor ogen? Het antwoord zal voor altijd onduidelijk zijn.

Hetzelfde gaat op bij Sony. De introductie van hun onlangs aangekondigde supermegapixel A7Rm4 systeemcamera komt op een wat raar moment. Ook deze camera wordt middenin de zomerperiode aangekondigd en is niet voor eind september leverbaar. Het lijkt er sterk op dat Sony deze camera naar voren heeft gehaald om andere fabrikanten de wind uit de zeilen te nemen. De vraag is of dat werkelijk is gelukt? Niet alleen kwam de aankondiging van deze camera pas midden juli, terwijl de zomervakanties overal al volop gaande zijn. Het komt ook in een periode dat veel mensen geen aandacht hebben voor nieuwe productaankondigingen, of deze door andere activiteiten al snel over het hoofd zien. Het lijkt er daarmee sterk op dat Sony de introductie van de A7Rm4 in alle haast heeft gemaakt.

Dit kan betekenen dat Sony er weet van heeft dat andere camerafabrikanten binnenkort ook komen met een soortgelijke camera die in features en of resolutie gelijkwaardig is. Hoe Sony dat kan weten is eenvoudig… Sony Components is een OEM leverancier en produceert niet alleen sensoren die zij in ‘eigen huis’ maakt, maar produceert ook sensoren opdracht van derden voor anderen. Zo zijn bijvoorbeeld Fujifilm en Nikon niet alleen klant van Sony, maar ook opdrachtgever. In die hoedanigheid kan Sony dus ook heel goed een planning inschatten van introducties die bij andere cameraleveranciers zullen plaatsvinden. 

Is de Sony A7R4 op het juiste moment geïntroduceerd, of is deze introductie overhaastig genomen?

Een product introduceren in de zomerperiode is dus over het algemeen genomen niet erg verstandig. De reden is even eenvoudig als logisch. Veel mensen zijn in deze periode op vakantie en hebben dus geen aandacht voor nieuwe producten en ook het internet wordt in deze periode minder vaak gebruikt omdat veel mensen dan allerlei buitenactiviteiten verrichten.

Hoe het ook precies zit, er zijn dus in principe twee momenten per jaar dat camerafabrikanten grote aankondigingen willen doen. Dat is over het algemeen genomen de periode: september/oktober en medio februari. Het voorjaar is populair vanwege de vele feestdagen in de lenteperiode en past keurig in het timeframe van de grotere vakantieperiodes en het najaar is een perfecte timing vanwege de aanstormende feestdagen zoals thanksgiving (Amerika), sinterklaas en kerst.

Ik adviseer veel mensen om bij aankoop van een nieuwe camera telkens één generatie over te slaan. Ben je dus bijvoorbeeld ingestapt bij een Fujifilm X-T1, dan is de X-T3 een prima aankoop. Ben je ingestapt op bijvoorbeeld de Fujifilm X-T2, wacht dan op de Fujifilm X-T4 of X-H2.

Hetzelfde gaat op bij camera’s van andere merken. Zo kan ik mij voorstellen dat wanneer je bijvoorbeeld beschikt over een Nikon D800, je nu kiest voor een Z7, of wanneer je een Nikon D650 of D700 gebruiker bent je nu instapt op een Nikon Z6. Als je nu al beschikt over een Nikon D750 of D850, dan is het misschien verstandiger om te wachten op de opvolgers van de Z6 en Z7. Een andere logische overstap is van Sony A7II, naar A7IV, maar niet van A7III naar A7IV, tenzij je graag geld over de balk smijt.

Nu weet ik toevallig ook dat er nogal wat cameragebruikers zijn die lijden aan ‘GAS’ (Gear Acquisation Syndrome). Zij willen persé en koste wat het kost het laatste nieuwe product hebben dat er beschikbaar is. Laat ik je vertellen dat marketingafdelingen gretig gebruik maken van deze hebberigheid en om die reden hun cameras vaker updaten dan technologisch gezien noodzakelijk is.

Die strategie van snelle opeenvolgende productintroducties heeft de camerafabrikanten in het verleden geen windeieren gelegd. Nu de markt echter is verzadigd en zelfs flink krimpende is, lijkt die strategie niet langer meer te werken. Daar komt bij dat camera’s tegenwoordig zo goed zijn dat een directe opvolger kopen niet langer meer noodzakelijk is.

Snel achter elkaar een opvolger introduceren is voor camerafabrikanten niet langer meer de ‘beste’ strategie. Niet alleen stel je daarmee gebruikers van dat ‘laatste model’ sneller teleur vanwege het gegeven dat een opvolger alweer zo snel beschikbaar is. Het kost de R&D afdelingen ook bakken vol met geld dat allemaal in een hele korte periode moet worden terugverdient. Dat uit zich vervolgens in hogere prijzen en daarmee komt de markt vervolgens terecht in een negatieve spiraal.

Camerafabrikanten doen er op de lange termijn verstandiger aan om juist minder vaak een opvolger te presenteren. In plaats van iedere 16 tot 22 maanden (zoals nu gebruikelijk is), zou het beter zijn om de levensduur van de camera’s te verlengen naar 42 tot 48 maanden. In de tussentijd biedt je daarbij als camerafabrikant dan diverse firmware-updates aan om de levensduur te verlengen en de camera actueel te houden. Niet alleen is dat een bezuiniging voor de camerafabrikanten, je kunt zo daadwerkelijk grote technologische verschillen tussen twee generatie camera’s verkrijgen waardoor de consument eerder geneigd is zijn camera te gaan upgraden naar het dan laatst beschikbare model.

Voor de jongere generatie consumenten zal dit een beetje een vreemde gewaarwording zijn. Vooral omdat zij gewend zijn snel opvolgers te zien en dat misschien ook wel verwachten. De wat oudere generatie weet dat tussenliggende periodes tussen twee productgeneraties in het verleden heel gebruikelijk waren en vaak beter werden gewaardeerd. Of dat camerafabrikanten deze (naar mijn idee betere) strategie voor de langere termijn gaan toepassen is mij natuurlijk niet bekend. Ik denk zelf wel dat dit beter zou zijn voor de industrie en kan alleen maar hopen dat men gaat terugvallen op deze marketingstrategie.


DE TREIN DENDERT VOORT

Wat zeker is dat technologische vernieuwingen niet zullen stoppen. Camera’s zullen worden opgevolgd door nieuwere camera’s. Er is immers altijd wel wat dat kan worden verbeterd. Sneller, méér én beter dat zal blijven tot het moment dat camerafabrikanten er de brui aan zullen geven. Die tijd is gelukkig nog héél ver weg en dus zullen we steeds maar weer nieuwe camera’s blijven zien en blijven kopen. 

Voor diegenen die al vroeg op de ‘trein’ zijn gesprongen kun je die camera updates ook zien als verschillende stations. Misschien ben je onlangs wel overgestapt van de ‘DSLR lijn’, naar de ‘MILC lijn’ van systeemcamera’s (Mirrorless Interchangeable Lens Cameras). Reed je eerder op de Canon lijn van EOS 20D, naar 5D en 5D MKIII, dan rijdt je nu misschien wel op de lijn Fujifilm X-T1, X-T2, X-T3 en verder, of ga je van de Nikon DXXX naar de Nikon Z-Lijn en vervolg je jouw reis vanaf dat station weer verder. 

De vraag die jij jezelf moet stellen is welke lijn wil ik graag berijden en met wat voor trein? 
Één ding lijkt zeker; De DSLR trein lijkt nu snel zijn eindstation te naderen, om daarna te worden uitgerangeerd. Veel stations hoef je op deze lijn niet meer te verwachten. In dat geval zul je uiteindelijk een nieuwe keuze moeten maken. Uitstappen of overstappen is dan de vraag.

Met welke lijn je dan verder gaat is natuurlijk niet aan mij, maar ik kan je misschien wel helpen om het volgende station te kiezen. Die nieuwste locomotief van Sony met zijn 61 megapixels lijkt misschien mooi, maar vergeet niet dat ik ervan overtuigd ben dat er ook nog nieuwe locomotieven zullen worden ontwikkeld door andere fabrikanten die binnen een aantal jaar minstens 20% sneller gaan. Kortom weer minstens 20% meer resolutie zal hebben.
Ik verwacht dat Full Frame sensoren binnen de komende vijf jaar de 100 megapixelgrens zullen zijn gepasseerd.

Tegelijkertijd hoor ik momenteel ook heel veel mensen zeggen dat ze tevreden zijn met wat ze nu hebben en voorlopig niet op een nieuwe trein zullen instappen. En… wanneer je goed kijkt naar de marktontwikkelingen is precies dat wat je ook ziet gebeuren. De treinen worden steeds leger en zijn gevuld met steeds minder passagiers.

Tot voor een paar jaar geleden was de trein die werd getrokken met 6MP tot 12MP locomotieven nog stampvol. De perrons stonden tjokvol en iedereen wou graag op de trein stappen. Vandaag de dag ziet het beeld er heel anders uit. De perrons worden steeds leger en er zijn zitplaatsen genoeg. Er zijn zelfs geen lange wachtrijen meer voor wie op de nieuwste lijn wil instappen. Je hoeft zelfs vaak niet eens meer een kaartje vooraf te kopen om direct mee te kunnen als de trein voor het eerst vertrekt. 

Kortom, de markt is in beweging, maar de nieuwigheid is eraf. Vernieuwingen zullen blijven plaatsvinden, maar drang om op te stappen neemt bij de consument af. Misschien is het dus beter voor iedereen om minder treinen te laten rijden op nieuwe lijnen die vol zitten, dan om nieuwe treinen te laten rijden op lijnen die nauwelijks winstgevend zijn….

NAAR MIJN BLOG...