Welke camera instellingen zijn van toepassing op RAW en welke op JPEG?

Welke camera instellingen zijn van toepassing op RAW en welke op JPEG?

Welke camera instellingen zijn van toepassing op RAW en welke op JPEG?
Deze vraag is veel lastiger te beantwoorden dan je in eerste instantie zult verwachten.

In het menu van je camera staan veel van de instellingen door elkaar en waarbij de ene instelling alleen van toepassing is op RAW en de andere specifiek voor JPEG is of soms van toepassing zijn voor beide bestandstypen als de RAW converter die je gebruikt ook ondersteuning biedt aan die specifieke instelling(en).

Is van toepassing op RAW én JPEG:

  • Opslagmap.
  • Naamgeving van het bestand.
  • Instellingen met betrekking tot het dynamisch bereik. *
  • Ruisonderdrukking bij lange sluitertijden.
  • Lens correcties.
    (digitale correcties bv. ton- of kussenvorming, diffractie en vignetering)
  • ISO.
  • Witbalans (bij RAW achteraf aan te passen).

Is van toepassing op RAW:

  • Bestand opslaan als alleen RAW
  • RAW bitdiepte
    (alleen een RAW bestand is 12 / 14 bits óf zelfs meer).
  • RAW compressie (wel/niet toepassen).

Is van toepassing op JPEG

  • Grootte van de afbeelding
  • Beeldkwaliteit
  • Beeldverhouding (1:1 , 16:9, 3:2, 5:4 e.d.).
  • Witbalans (ingebakken)
  • JPEG instellingen als filmsimulaties / Afbeeldingsprofielen
    (scherpte, contrast, kleurinstellingen e.d.)
  • Kleurruimte (sRGB of AdobeRGB)
  • Hoge ISO ruisonderdrukking


Er zijn echter een aantal belangrijke dingen waar je rekening mee moet houden:

Ingebakken JPEG; Alle RAW bestanden beschikken naast de ‘RUWE’ data ook een JPEG bestand. Alle JPEG instellingen die je in de camera hebt toegepast worden automatisch ook op deze preview toegepast. Dit is de reden waarom je in je RAW bewerker soms het beeld ziet veranderen en waarna de RAW er over het algemeen wat saai en minder aantrekkelijk uit ziet.

Daar komt bij dat wat je achterop het LCD scherm van je camera ziet, of wat je door de elektronische zoeker ziet vaak ook nog eens een afgeleide is van de JPEG instellingen zoals je die in je camera hebt gedaan. Omdat een aantal van de JPEG instellingen van directe invloed zijn op de belichting of contrastweergave van een opname, kan dat leiden tot verkeerde informatie met betrekking tot de belichting. Er ontstaat zo dus een verschil in wat je ziet door de zoeker of achterop het LCD scherm (de JPEG opname) en de daadwerkelijke RAW opname.

In sommige gevallen kan dat verschil wel oplopen tot 2 stops verschil in belichting. Bijvoorbeeld bij gebruik van de instellingen voor het dynamische bereik en waarbij je RAW converter deze instellingen niet correct overneemt of kan uitlezen. Vooral als je gebruik maakt van een al wat oudere versie van een bepaalde RAW converter kunnen dergelijke problemen zich voordoen.

Wanneer je uitsluitend in RAW fotografeert raad ik je aan om de JPEG instellingen die van directe invloed zijn op de belichting (zoals bijvoorbeeld de instellingen met betrekking tot het dynamisch bereik) NIET te wijzigen. Je kunt dan achteraf voor vervelende verrassingen komen te staan die je dan extra werk opleveren om ze te corrigeren.

Daarnaast raad ik je aan om een zo’n vlak mogelijk kleurprofiel (filmsimulatie) te kiezen. Voor Fujifilm is dat bijvoorbeeld ‘Pro Neg Std’; voor Nikon is dat ‘Picture Profile Flat’. Zo komen het RAW bestand en de JPEG het meest overeen en waardoor ook de histogramweergave en andere belichtingsinformatie meer in overeenstemming is met het daadwerkelijke eindresultaat.

Het is in werkelijkheid nog iets ingewikkelder, maar als je daar meer over wilt weten, dan wil ik je graag doorverwijzen naar mijn boek(en), waarin ik hierover meer uitleg geef.

NAAR MIJN BLOG...