Close

Tag Archive for: Camera

Fujifilm; ‘Wij zullen nooit een Full Frame camera ontwikkelen!’

Fujifilm heeft bij monde van Toshihisa Iida, directeur bij de Digital Imaging divisie tegen ‘DPReview’ gezegd dat Fujifilm nooit en te nimmer een digitale Full Frame camera zal produceren.

Als je dus ooit de hoop had gehad dat Fujifilm een digitale 35mm camera zou gaan ontwikkelen betekent dit nu dat die hoop in rook is opgegaan. Je zult dan vanaf nu moeten gaan kijken naar de camera’s van Nikon, Canon of Sony.

Fujifilm richt al zijn pijlen op haar X-Serie APS-C systeem en heeft gezegd de komende jaren steeds meer aandacht te willen schenken aan haar GFX lijn. Fujifilm hoopt daarmee een unieke marktpositie te ontwikkelen die hen in staat stelt de komende ‘oorlog’ op de markt van systeemcamera’s ongeschonden door te komen.

Een riskante strategie want als Fujifilm haar GFX systeem niet ‘mainstream’ weet te maken dan zal zij voor altijd een relatief kleine speler in de cameramarkt blijven. Dat terwijl zij dan de kans hebben laten lopen om de nummer één of twee positie te verkrijgen.

De markt zoals Fujifilm die ziet in haar eigen presentaties.

De Fujifilm GFX50S werd in het najaar van 2016 aangekondigd en is sinds het voorjaar van 2017 verkrijgbaar. Daarnaast heeft Fujifilm onlangs de GFX50R geïntroduceerd die, als het aan Fujifilm ligt, doorbraak moet worden voor haar eigen Medium Format systeem. Zoals zij zelf zegt: “een ‘betaalbaar systeem’ voor consument en professional“. De grote vraag is of dat écht zal lukken met een prijs van €4500,00 voor de camerabody en een gemiddelde prijs pér objectief van ongeveer €2300,00 euro. Het is dus maar net wat je ‘betaalbaar’ noemt…

Je kunt je dus de terechte vraag stellen of het gat tussen de Fujifilm X-Serie en haar GFX lijn niet té groot is!

Om het GFX systeem ‘groot’ te kunnen maken om zodoende de prijs uiteindelijk verder te kunnen verlagen, heb je dus heel wat overstappers nodig. Fujifilm denkt dat te gaan doen door de ontwikkeling van een 102MP GFX camera die zal beschikken over fasedetectie autofocus en een ingebouwd stabilisatiesysteem (IBIS) in combinatie met de mogelijkheid om er in 4K mee te kunnen filmen. De prijs van de camera is uiteraard momenteel nog niet bekend, maar zal naar verwachting dicht tegen de €10.000,- grens aanschurken.

De perspresentatie van de GFX50R en aankondiging van de GFX100 tijden het persevenement van Fujifilm tijdens de Photokina 2018.

Met dergelijke prijzen ligt het dus eigenlijk redelijk voor de hand om te kunnen veronderstellen dat er voor Fujifilm ruimte moet zijn om het gat tussen de X-Serie en de GFX te dichten met een aantal digitale 35mm modellen.

Nee nooit!‘ zegt Toshihida Iida volhardend in een Interview met DPreview.

Volgens Thoshihida heeft Fujifilm geen ‘verleden‘ in het produceren van 35mm camera’s. Dat is vreemd… want ik heb hier thuis toch écht een aantal analoge Fujica 35mm spiegelreflex camera’s waarop verschillende modelnamen prijken als STX-1N, ST-801 en AZ-1.

Enkele van de vele analoge 35mm ‘Fujica’ camera’s van weleer….

Enfin, hoe dan ook Thoshihida en Fujifilm zeggen geen toekomst te zien in ‘Full Frame’ vanwege het feit dat zij van mening is dat APS-C voldoende dicht tegen ‘Full Frame’ aanschurkt. Hetzelfde zou je overigens ook kunnen zeggen over het verschil tussen ‘Full Frame’ en het GFX sensorformaat, maar dat terzijde…

Wanneer Fujifilm ook een ‘Full Frame’ camera zou maken dan zou dat volgens Thoshihida beide markten kannibaliseren. Fujifilm wil beide systemen graag 2 stops uit elkaar houden om dat te voorkomen.

Blijkbaar met het risico dat over de lange termijn Fujifilm X-Serie gebruikers weleens zouden kunnen gaan lopen als ‘Full Frame systeemcamera’s’ flink goedkoper gaan worden door de toenemende concurrentiedruk en oplopende volumes. Mijn persoonlijke mening is dat Fujifilm hier een strategische fout begaat door ‘Full Frame’ links te laten liggen.

Fujifilm neemt dus een risicovolle stap door volledig in te zetten op APS-C en ‘Super Full Frame’ zoals zij het zelf graag willen noemen. Als de strategie uitwerkt zoals zij zelf in gedachten heeft dan heeft Fujifilm goud in handen. Maar… als blijkt dat deze strategie niet heeft gewerkt eindigt zij met lood.

Het is in ieder geval interessant om te zien dat Fujifilm haar eigen weg kiest en zich niet teveel wil mengen in de aanstaande Full Frame systeemcamera (prijzen)oorlog.

Photokina 2018 roundup – De trend; grotere sensoren, snellere modellen!

De slag om ‘mirrorless’ is aanstaande!

Ongeveer een jaar geleden schreef ik het al op in mijn blog ‘De gebroken belofte van de DSLR‘. Het kon niet veel langer uitblijven en eigenlijk hoef je ook niet over een glazen bol te beschikken om in de toekomst te kijken. Gezond verstand vertelde mij toen al dat het geen jaren meer zou duren voordat Canon en Nikon zich serieuzer op zouden gaan stellen voor wat betreft het produceren van meer professionelere systeemcamera’s.

Hoe staat de cameramarkt ervoor?

Nog géén jaar later zien we nu dat Canon de Canon EOS R heeft geïntroduceerd en dat Nikon de markt betreed met de Nikon Z6 en Nikon Z7. Tegelijkertijd hebben we nu ook nog te horen gekregen dat Panasonic samen met Sigma in Maart 2019 een digitale 35mm camera op de markt gaat zetten die gebruik gaat maken van de Leica L-vatting. Daarmee zijn er nu vijf, of eigenlijk zes, camerafabrikanten die een digitale 35mm systeemcamera gaan voeren in hun assortiment.

Eigenlijk verwacht ik dat ook Olympus zich binnen niet al te lange tijd zich nog bij dit rijtje gaat aansluiten. Daarmee hebben vrijwel alle camerafabrikanten nu een serieuze systeemcamera in de markt staan met een sensor die gelijk of groter is dan 36x24mm.

Wat de toekomst ons brengt kan niemand zeggen, wel dat er duidelijke trends te zien zijn.

Voor Canon gaat op dat dit de 2e keer is dat zij haar gebruikers laat wisselen van lensvatting. Dat deed zij eerder al in 1987 toen Canon overstapte van de FD naar de EF vatting. Destijds noodzakelijk vanwege de introductie van autofocussystemen in analoge camera’s. Voor Nikon is dit de eerste keer in méér dan 60 jaar dat zij een nieuwe lensvatting introduceert voor een professioneel camerasysteem.

Voor wie al wat langer meedraait in dit wereldje kon al lang aan zien komen dat ‘spiegels’ en ‘prisma’s’ hun langste tijd hebben gehad. We leven nu eenmaal in een steeds verdergaande digitale wereld. Het is heus niet dat analoge technologie niet goed zou werken, maar de toekomst ligt nu eenmaal in verdergaande digitalisering van camerasystemen vanwege de goedkopere wijze waarop onderdelen kunnen worden geproduceerd én doordat volledig digitale camerasystemen ons in de toekomst meer mogelijkheden kunnen bieden dan met analoge technologie mogelijk is.

Fujifilm 50R – Medium Format binnen het bereik van iedere (semi-)professional en enthousiaste fotograaf.

Fujifilm daarentegen speelt hun eigen spel. Aan de ene kant hebben zij een unieke positie verworven binnen het APS-C segment en anderzijds valt zij de markt van bovenaf aan via hun GFX lijn. Om deze markt van de bovenzijde te kunnen benaderen ontbrak het Fujifilm nog aan een betaalbare Medium Format camera. Die is er nu in de vorm van de GFX 50R, waarbij de R staat voor Rangefinder. Ook al is dit zeker géén echte meetzoekercamera te noemen.

Het voordeel voor Fujifilm is dat zij daardoor momenteel nauwelijks last hebben van de concurrentie. Hierdoor heeft Fujifilm nu de nummer 2 plek ingenomen als het gaat om de markt van systeemcamera’s met verwisselbare objectieven.

Ontwikkelingen voor de nabije toekomst

De vraag was dus niet óf het zou gaan gebeuren, maar vooral wanneer. Systeemcamera’s hebben nu een volwassen stadium bereikt. Nieuwe sensoren en beeldprocessoren worden steeds sneller en binnen niet al te lange tijd zullen we ook camera’s gaan zien waarbij de sensor ook de taak van de sluiter gaat overnemen. Eerste gordijnsluiters in combinatie met elektronische sluiters en zogenoemde ‘stacked’ sensoren zijn slechts de eerste stap.

De tweede stap wordt genomen door zogenoemde ‘global shutters’. Dit zijn beeldsensoren die in één keer volledig uitgelezen kunnen worden. Dat betekent niet alleen dat we daarmee razensnelle sluitersnelheden kunnen krijgen, maar dat ook de mechanische sluiter erdoor in een camera wordt vervangen. De problemen van weleer met de huidige elektronische sluiters (niet kunnen flitsen, scheeftrekken van het beeld en gordijnvorming) zijn daarmee ook passé.

Panasonic verraste de markt door niet alleen een nieuwe digitale 35mm ‘Full Frame’ camera aan te kondigen, maar ook een ‘open’ lensvatting te gaan gebruiken die gebaseerd is op de Leica L-Vatting. Naast Panasonic heeft Sigma reeds toegezegd voor deze camera ook objectieven te gaan maken. 

Andere voordelen die we terugzien in systeemcamera’s zijn het over het algemeen genomen flink lagere gewicht van het totale systeem ten opzichte van een spiegelreflexcamera. Niet alleen dragen de spiegel en het prisma bij aan het extra gewicht van een DSLR. Doordat de sensor verder naar voren kan worden geplaatst bij een systeemcamera, kunnen objectieven voor dit type camera zonder spiegel (mits er gebruik wordt gemaakt van een voldoende grote lensvatting) ook compacter en daarmee lichter worden gemaakt.

Er zijn eigenlijk vier belangrijke redenen waarom de systeemcamera de toekomst heeft én waarom spiegelreflexcamera’s in steeds mindere mate aantrekkelijk zullen zijn voor gevorderde amateurs en professionals:

1) Een digitale zoeker is tegenwoordig zo helder en goed dat het verschil tussen een optische en digitale zoeker in helderheid en snelheid niet tot nauwelijks nog zichtbaar is.

Bovendien kent een digitale zoeker als groot voordeel dat je een te fotograferen scéne voorafgaand aan het maken van de opname al in zijn eindstadium voor wat betreft helderheid, kleur, contrast en scherptediepte hebt gezien. Je ziet vooraf al exact hoe de foto gaat worden. Het gehele ‘gokelement’ uit de belichtingsdriehoek wordt erdoor weggenomen.

2) Het autofocussysteem van een systeemcamera is véél nauwkeuriger dan het autofocussysteem zoals dat wordt toegepast in een digitale spiegelreflexcamera.

Problemen als ‘front-‘ en ‘backfocus’ zijn daarmee opgelost omdat de autofocusmeting plaats heeft via de sensor en daarmee parallel aan het te fotograferen object.

Bij een spiegelreflexcamera vindt deze meting plaats door een aparte en schuin in het spiegelhuisgeplaatste autofocusmodule. Door zijn schuine plaatsing in het spiegelhuis kan deze in een spiegelreflex nooit 100% nauwkeurig werken. Door schommelingen van de temperatuur en luchtvochtigheid moet om die reden het autofocussysteem van een digitale spiegelreflexcamera regelmatig worden gekalibreerd.

Daar komt nog bij dat de snelheid van het autofocussysteem van een systeemcamera tegenwoordig op gelijke voet staat met die van een spiegelreflexcamera. De laatste barriere waarbij een spiegelreflexcamera tot voor kort een voorsprong had is met de allerlaatste generatie systeemcamera’s geslecht.

3) Er kunnen door nieuwe en snellere beeldsensoren en processoren flink méér opnames per seconde worden gemaakt en met gebruikmaking van meer intelligente autofocussystemen. Denk hierbij bijvoorbeeld maar aan gezicht- en oogdetectie of ingebouwde beeldstabilisatiesystemen.

4) Er is een steeds verdergaande integratie tussen fotografie en video. Een spiegel en een mechanische sluiter staan deze ontwikkelingen nu nog enigszins in de weg, maar deze ‘problemen’ zullen binnen enkele jaren volledig zijn opgelost wanneer de zogenoemde ‘global shutter’ in een camera algemeen goed gaat worden.

Canon en Nikon hebben de afgelopen jaren uiteraard niet helemaal stil gezeten, maar ze hebben wel afgewacht hoe Sony, Fujifilm en Olympus het tapijt voor hen heeft uitgerold. In die tussentijd konden Canon en Nikon zo hun gebruikers tot het laatst uitmelken, terwijl Sony en Fujifilm grote investeringen hebben moeten doen om de systeemcamera als serieus alternatief tegenover de spiegelreflex te positioneren.Kortom; Sony en Fujifilm hebben het marketingwerk gedaan om dit productsegment tot een volwassen stadium te krijgen terwijl Canon en Nikon rustig achterover leunden om hun zo hun spiegelreflex gebruikers ‘zoet’ te houden.

De Nikon “Z6 / Z7Touch & Try Bar”  – Druk bezocht met wachtrijen oplopend tot méér dan 20 minuten..

Tot nu toe waren de pogingen van zowel Canon als Nikon daarom ook niet erg serieus te noemen. De Canon EOS M serie was uiteraard een heel aardige vingeroefening van Canon met een ‘dual pixel autofocussysteem’ en Nikon had met haar ‘1’ systeem een razendsnel autofocussysteem, maar beide camerasystemen zijn nooit echt serieuze alternatieven geweest voor gevorderde amateurs of professionele fotografen.

In beide gevallen kunnen we nu wel verwachten dat zowel het ‘Canon EOS M’ en het ‘Nikon 1’ systeem beide ten dode zijn opgeschreven nu zowel Canon als Nikon beide een serieus camerasysteem hebben geïntroduceerd.

Laten we eens kijken wat ik vorig jaar heb voorspeld en in hoeverre die voorspellingen nu eind September 2018 zijn uitgekomen:

1. Nikon en Canon zullen een serieuze systeemcamera introduceren gericht op de (semi-)professionele markt.

Deze voorspelling is in zijn geheel en voor de volle 100% uitgekomen. Sterker nog, we zijn nog niet klaar! Dit is pas het begin van een absolute omwenteling. De verwachting is dat aan het einde van de eerste helft van 2019 het aantal verkochte systeemcamera’s de vraag zal overtreffen van die van spiegelreflexcamera’s. Vanaf dat moment zal de markt in steeds snellere mate gaan veranderen en daarmee zal het tempo waarin systeemcamera’s de overhand krijgen in versneld tempo toenemen.

De reden waarom Canon en Nikon juist nu hun eerste serieuze systeemcamera’s op de markt zetten heeft alles te maken met de Olympische spelen van 2020. Die spelen vinden plaats in Tokyo en de camerafabrikanten willen die periode graag gebruiken om misschien wel de bekendste industrietak van Japan eens flink in de spotlights te zetten.

Door nu een serieuze systeemcamera te introduceren creëer je het fundament. Het stelt de fabrikanten in staat om kleine foutjes in hun eerste ontwerp te herstellen, het laat de markt versneld groeien en…. niet geheel onbelangrijk, je kunt niet in één keer een hele serie objectieven in de markt zetten. Zoiets kost tijd omdat onderzoek en ontwikkeling van dergelijke high-tech technologie behoorlijk wat inzet kost.

Hier melden graag! – Genodigden en de pers kregen een speciaal inkijkje in de nieuwe Nikon Z6 / Z7. 

Of deze nieuwe telgen van Nikon en Canon ‘professioneel’ zijn, dat laat ik in het midden. Alhoewel de inzet van Nikon aanzienlijk hoger is dan die van Canon. De Nikon Z6 en Z7 komen overeen in hun kunnen met de Nikon D750 en D850, terwijl de Canon EOS R niet echt boven het ambitieniveau van een Canon 6D MKII uit stijgt.

Voor wat betreft hun videomogelijkheden zijn beide systemen niet geheel ‘last generation’. Maar ook hier kun je zeggen dat de Nikon Z6/Z7 serieuzere camera’s zijn met hun 4K 30P en 120P ‘slowmotion’ mogelijkheid. 4K beelden worden daarbij over de gehele sensor opgenomen.

De Canon EOS R is daarbij in vergelijk een beetje een aanfluiting. Deze camera maakt voor het gebruik van haar videomogelijkheden gebruik van een gigantische cropfactor en in dat opzicht is het ook gelijk een typisch Canon product te noemen waarbij met bepaalde mogelijkheden ‘beschermd’ voor toekomstige (duurdere) modellen.

Voor wie echte topmodellen wil die zal nog moeten wachten tot volgend jaar. Waarschijnlijk zul je dan rond deze tijd (2019) gaan zien dat er nog serieuzer op deze markt zal worden ingezet met snellere en duurdere modellen die vergelijkbaar zullen zijn met de Nikon D5 en Canon 1DxMKII of beter. Deze modellen zullen in ieder geval niet later worden geïntroduceerd dan het voorjaar van 2020.

De Canon “Touch and Try hoek” – Niet druk bezocht…

2. Nikon en Canon zullen gebruik gaan maken van een nieuwe lensvatting.

Een nieuw camerasysteem zoals een systeemcamera heeft alleen toegevoegde waarde als daarbij ook optimaal gebruik wordt gemaakt van nieuwe mogelijkheden die zo’n systeem te bieden heeft. Doordat de sensor in een systeemcamera verder naar voren kan worden geplaatst kunnen objectieven compacter en eventueel lichter en vooral ook lichtsterker worden gemaakt. Dat komt ten goede aan de scherpte en het oplossend vermogen.

Om die reden was het eigenlijk altijd al de verwachting dat zowel Canon als Nikon een nieuwe lensvatting voor hun nieuwe camerasysteem zouden gaan ontwikkelen. Wie nu nog een spiegelreflexcamera in zijn bezit heeft doet er héél verstandig aan om nu echt serieus en goed na te gaan denken hoe hij zijn migratie naar een systeemcamera gaat invullen.

Blijf je bij je merk? Verander je van merk en waarom? Wanneer wil je ‘over’ gaan? Dat zijn de belangrijkste vragen die jij je als bezitter van een spiegelreflexcamera nu moet gaan beantwoorden.

De ‘lens Roadmap’ van Nikon. Serieuze objectieven voor een serieus systeem.
Een duidelijke afweging tussen lichtsterkte en gewicht.

Mijn persoonlijke mening is dat het zéér onverstandig is om nog langer te blijven investeren in een digitaal spiegelreflexsysteem, óf om daarvoor nog langer (brand)nieuwe objectieven te kopen.

De investering die je daar nu nog in gaat doen zul je dan in versneld tempo en tegen steeds lagere (2e hands)prijzen moeten afschrijven. Ik wil je nog maar eens wijzen op de prijzen die je nu betaald voor een analoog objectief. Dergelijke prijzen zullen uiteindelijk ook worden gegeven voor je huidige dure L-objectieven of ‘Goldring’ glas.

Wil je helemaal overstappen van merk? Dan is het waarschijnlijk het meest verstandig om je huidige objectieven zo snel mogelijk van de hand te doen.

Of overstappen van merk uiteindelijk ‘nuttig’ is of niet, daar doe ik geen harde uitspraak over. Dat moet ieder voor zich maar uitmaken. Tegelijkertijd; Ik kan je vertellen ‘Het gras is niet altijd groener bij de buren’. Doe dus goed én gedegen onderzoek voordat je een dergelijke volledige stap overweegt.

Laat je niet zomaar leiden door wat er soms gezegd wordt. Soms kloppen sommige van die uitspraken niet, of zijn ze niet volledig en soms  lijkt een overstap mooi omdat een fabrikant gebruik maakt van de laatste technologie. Dat wil dan niet automatisch zeggen dat die fabrikant dan ook om je ‘geeft’ als fotograaf, of dat hij het ‘beste’ met je voorheeft.

Er zijn situaties en camera’s te koop waar technologie en het gadget gehalte belangrijker lijkt te zijn dan dat de camera een werkpaard is voor jou als fotograaf. Trap niet in die valkuil! Marketing is mooi, maar het kan je hoofd ook danig op hol brengen dat je niet rationeel meer nadenkt over de gevolgen van je keuze.

De stand van Sony – Stilte voor de storm die te wachten staat.

Uiteraard hoef je niet direct in één klap alles de deur uit te doen. Er zijn immers voor zowel het Canon EOS R als ook voor het Nikon Z systeem adapters te krijgen die het mogelijk maken om je ‘oude’ glaswerk nog een tijdje te kunnen gebruiken. Dat verzacht wellicht ietwat de pijn. Het neemt echter niet weg dat je huidige ‘EF’, ‘Goldring’ of ‘Sigma Art’ objectieven voor je Canon of Nikon DSLR op de langere termijn steeds minder waard zullen worden.

Voor Canon worden er een drietal adapters op de markt gebracht waarbij deze te koop zullen zijn van héél eenvoudig tot slim en handig. Bijvoorbeeld doordat er een filtersysteem in is aangebracht.

De adapter van Nikon is overigens zéér slim en doordacht en waarbij bijna alle 320 beschikbare objectieven voor de 60-jarige Nikon F-vatting ook gebruikt kunnen worden op de nieuwe Nikon Z camera’s. Dat is dus een knap staaltje werk. Helaas betekent het wel dat objectieven zonder autofocusmotor handmatig zullen moeten worden scherpgesteld.

Mijn verwachtingen voor de nabije toekomst

Natuurlijk heb ik niet de beschikking over een glazen bol, maar ga ik af op de marktontwikkelingen zoals ik die zie. Er is veel wat we nog niet weten. Zo ben ik bijvoorbeeld erg benieuwd hoe Canon haar nieuwe R lijn gaat uitbreiden.

Speelt Canon op safe en gaan ze eerst de consumentenmarkt bespelen zoals we nu eigenlijk al zien met de EOS ‘R’ op de wijze waarop Canon die nu heeft geïntroduceerd, of zet Canon komend jaar ‘vol’ in op een méér professioneler model?

Één ding weet ik wel. Canon heeft een aantal serieuze objectieven op haar roadmap geplaatst die niet echt passen bij de camera zoals die is geïntroduceerd. Ook ben ik er niet zeker van of Canon er goed aan heeft gedaan om gelijk in te zetten op zulke lichtsterke objectieven.

Niet zozeer vanwege hun geweldige lichtsterkte, maar vooral omdat dergelijke objectieven gepaard gaan met een groot gewicht en een flink prijskaartje. Mijn persoonlijke idee is dat de consument en zelfs de professional daar juist nu even niet op zit te wachten.

Naar mijn idee heeft Nikon dat slimmer aangepakt door eerst te komen met een serie f1.8 en f4.0 objectieven om pas vanaf de 2e helft van 2019 meer lichtsterker glas te introduceren. Niet alleen bestaat daardoor de mogelijkheid dat gebruikers van haar ‘Z’ systeem tot twee keer toe zullen investeren.

Maar, vooral betekent een serie objectieven met een iets minder grote lichtsterkte dat de objectieven betaalbaar blijven en bovendien, heel belangrijk; relatief licht van gewicht zullen zijn.

Bovendien heeft Nikon al door laten schemeren dat er een spiegelloze variant in de pijplijn zit van haar Nikon D5. Ook hier ligt het voor de hand dat deze camera ergens in de 2e helft van volgend jaar of anders begin 2020 zal worden geïntroduceerd met het oog op de Olympische Spelen in Tokyo van dat jaar.

Kodak Print Service – “The joy of Photography wall”.

Wat nog niet helemaal duidelijk is, zal zijn of Canon en Nikon ook met spiegelloze APS-C modellen de markt voor systeemcamera’s zullen gaan betreden. Voorlopig is de trend ingezet op de productie van camera’s met digitale 35mm full frame sensoren (of groter) en lijkt APS-C een minder belangrijke rol te gaan krijgen.

Dat is opmerkelijk want momenteel zijn nog steeds 2 op de 3 verkochte camera’s met verwisselbare objectieven camera’s met een dergelijke sensor. APS-C is dus voor camerafabrikanten eigenlijk een héél belangrijk marktsegment dat nu nog steeds open en bloot ligt voor Fujifilm.

Daarbij gelijk opmerkend dat haar nieuwe Fujifilm X-T3 (haar 4e generatie systeemcamera’s) een razendsnel autofocussysteem aan boord heeft en als camera zéér professionele aspiraties toont. Hoe langer Canon en Nikon wachten hoe lastiger het wordt om hun éérste generatiecamera’s net zo stevig te positioneren.

Bijkomend probleem voor Canon gebruikers is dat Canon vaak heeft gezegd dat haar EF-S objectieven een toekomst zouden hebben, terwijl nu blijkt dat de nieuwe RF-vatting geen enkele ondersteuning kan bieden voor deze objectieven.

Kortom, als je van een Canon spiegelreflex camera met APS-C sensor afkomt en je wilt graag naar het Canon ‘R’ systeem dan heb je helemaal niets meer aan je oude EF-S objectieven en heb je dat geld en die investering eigenlijk gewoon weggegooid. Misschien is dat ook wel wat Canon graag wilt dat je doet. Alles opnieuw kopen om zo extra omzet te kunnen genereren.

Olympus “Playground” – Opvallende bijkomstigheid van de Photokina 2018 was dat zowel Olympus als Sony niets nieuws te brengen hadden.

Opvallend aan deze Photokina 2018 was het gegeven dat Sony géén enkele camera heeft geïntroduceerd, misschien wel om een dijk op te werpen tegen de storm die hen te wachten staat.

Er is immers in principe geen reden meer om als Canon of Nikon gebruiker volledig over te stappen op het systeem van Sony als je eenvoudig via een adapter al je oude objectieven kunt gebruiken op een camerasysteem van een merk waarmee je vertrouwd bent.

Ik verwacht dan ook dat met name Nikon gebruikers héél goed zullen kijken naar wat het ‘Z’ systeem te bieden heeft en in mindere mate verwacht ik hetzelfde van Canon gebruikers die nu kunnen kiezen voor de EOS R.

Tel daarbij op dat Sony met haar E-Mount eigenlijk een lensvatting gebruikt die eigenlijk bedoeld was voor een APS-C camera en slechts bij toeval toepasbaar was voor een digitale 35mm camera. Doordat de doorsnede van deze Sony lensvatting eigenlijk te klein is  moeten objectieven met E-Mount vatting veel sterker worden gecorrigeerd met name op chroma, hoekonscherpte en vignetvorming.

Op het gebied van beeldkwaliteit zal Sony straks een harde dobber hebben om overeind te blijven. De enige methode om dit probleem te bevechten is met méér technologie en lagere prijzen. Maar dat resulteert nu al in het gevoel een computer in de hand te hebben dan dat het een camera is waarmee je plezierig fotografeert.

Kortom met binnenkort 5 spelers op dezelfde markt voor digitale 35mm systeemcamera’s zal de concurrentie een flinke impact gaan hebben op de omzetcijfers van Sony.

Tel daarbij op dat het aantal Canon en Nikon gebruikers véél groter is dan het aantal Sony fotografen. Plus het gegeven dat veel cameragebruikers tamelijk honkvast zijn betekent dit dat Sony heel veel te verliezen heeft.

Zeker als zal blijken dat veel van die Sony gebruikers mogelijk een overstap terug naar hun oude merk mogelijk in overweging zullen nemen. In hoeverre dit laatste zal gaan gebeuren is de vraag. Het is in ieder geval een risico, omdat veel van die Sony gebruikers hun oude objectieven nooit de deur uit hebben gedaan.

Kortom, Sony zal er dus alles aan gaan doen om méér fabrikanten van objectieven binnenboord te krijgen om zo de concurrentie vanuit met name Nikon en Canon voor te blijven. Hoe lang dat goed zal gaan is maar de vraag omdat dit mede afhankelijk is van de snelheid waarmee Canon en Nikon objectieven uit zullen brengen voor hun eigen nieuwe systemen.

De stand van Olympus – De enige cameraanbieder waarbij ‘beleving’ centraal stond.

Hoe dan ook de komende 9 maanden zullen spannende tijden worden voor de camerafabrikanten. Vooral omdat éénieder nu zo’n beetje de posities heeft ingenomen. Één ding is zeker het wordt oorlog op de markt voor systeemcamera’s en met name op het marktsegment voor ‘Full Frame’ systeemcamera’s zal er een flink gevecht uitgevochten gaan worden. Of en wie de slachtoffers worden is momenteel nog lastig in te schatten.

De startpositie van Canon schat ik momenteel het minst gunstig in, maar daartegenover staat wel een gigantisch marktaandeel met evenzoveel Canon gebruikers. Nikon heeft een sterk systeem op de markt gezet, ondanks een kleine marketingblunder door het ontbreken van een tweede kaartslot. Sony heeft het meest te verliezen. Namelijk haar complete marktpositie. Panasonic? Ik vermoed dat zij een kleine speler op deze markt zullen blijven en waarbij het hen niet gaat lukken om een dikke vinger in de pap te krijgen.

Voor wat betreft Fujifilm? Die hebben stelling ingenomen door te kiezen voor APS-C en Medium Format, of Super Full Frame zoals ze het zelf graag noemen. Zij zullen buitenstaander zijn bij het aankomende gevecht en kunnen, als ze het slim spelen, redelijk ongeschonden uit die strijd komen, al vermoed ik wel dat zij wat schaafwonden zullen oplopen.

We zijn momenteel getuige van de start van ‘The war on mirrorless’. In eerste instantie lijkt die te gaan om het sensorformaat dat de meeste potentie heeft. Tegelijkertijd zal die oorlog worden uitgespeeld op wie het meeste waar voor zijn geld kan bieden. Dat zal zich dus gaan uiten in een prijzenoorlog. Goed voor de eindgebruiker, mits hij het juiste systeem kiest. Welke dat is, dat durf ik niet te voorspellen.

Fujifilm ‘fanboy!’…

Je kent ze wel de Canon jongens, de Nikon meisjes en de Sony ‘luitjes’. Je hebt ze ook van Leica, Olympus en Pentax, maar daar zijn de aantallen gebruikers stukken kleiner van. Enfin, het komt erop neer dat je vaak ‘fan’ bent van je eigen merk. Soms is het zelfs te vergelijken met voetbalfans die ook zo voor hun eigen ‘club’ kunnen zijn. En iedereen kent er wel eentje, zo’n fotograaf die persé vertelt dat ze camera X van merk Y moeten kopen. Ze noemen ze vaak fanboys. Ik kom er later op terug!

Ergens in de polder…

Laatst was ik nog bij een camerawinkel, ergens in de polder. Daar kwam ik een fotograaf tegen die zo fanatiek was dat hij een beginnende fotograaf ervan zelfs in de winkel nog probeerde te overtuigen dat hij persé die specifieke Sony camera moest kopen. Vooral, omdat ze de beste sensoren maken, het grootste dynamische bereik zouden hebben en over de beste ISO prestaties zouden beschikken. Daarmee zou die camera en dat merk ook absoluut de beste en meest vooruitstrevende  camera’s maken. Een ander probeerde hem nog even over te halen naar Canon, want ‘professionals’ gebruiken Canon… en voor een reden… Welke vertelde hij er echter niet bij.

Leica kent ook zulke gebruikers. Zij het dat zij wat meer snobistisch reageren. Zij vertellen je dat alles speciaal is aan hun Leica en dat wanneer je éénmaal een Leica hebt vastgepakt je nooit een ander merk meer zult gaan gebruiken.

Om eerlijk te zijn – Ik begrijp dat niet helemaal. Uiteindelijk is het verschil tussen de verschillende merken camera’s helemaal niet zo groot en slechte camera’s zijn er tegenwoordig absoluut niet meer te koop. Ieder merk heeft zijn sterke en zwakke punten. Niet één is de perfecte camera.

Er wordt op internet ook veel gediscussieerd over één stopje verschil in ruisprestaties, of het kleine verschil in scherptediepte tussen APS-C en 35mm kleinbeeld. Of websites die claimen objectief te zijn, maar vervolgens camera X een lagere score toekennen dan camera Y terwijl beide dezelfde tekortkomingen hebben. Het draait dan toch vaak om marketing en commercie. Een goede adverteerder is immers veel geld waard en dat maakt dan ineens dat camera X een ‘zilveren’ score krijgt terwijl camera ‘Y’ (die net even vaker adverteert) een ‘gouden’ aanbeveling krijgt.

Ik weet het zeker! Ook jij ziet uiteindelijk net als ik het verschil niet tussen een foto die is gemaakt met een Canon, Nikon, Sony, Fujifilm, Leica, Pentax of Olympus camera. Opmerkingen als ‘die foto kan alleen gemaakt zijn met een Canon, of je had die foto niet kunnen maken zonder dat je een Nikon had gebruikt. Ze zijn allemaal schromelijk overdreven.

Waarom? Omdat een RAW bestand ongeacht met welk merk of type camera de foto gemaakt is altijd zo kan worden aangepast zoals jij dat wilt. Uiteindelijk zou je met een beetje moeite alle foto’s van alle verschillende merken zo kunnen bewerken dat ze allemaal dezelfde ‘look & feel’ kunnen krijgen.

Camera’s en merken verschillen onderling uiteraard wel. Maar het zit hem vaak in de ‘kleine dingen’. Veelal gaat het daarbij om instellingen of bepaalde innovaties die de ene camera wel, en de andere niet heeft. Het gras is bij de ene camerafabrikant echt niet veel groener dan bij de andere. Ik weet dat, omdat ik al een aantal keer van merk gewisseld ben en van ‘APS-C’, naar ‘Full Frame’ en weer naar ‘APS-C’ ben gegaan. Ik kan je verzekeren, uiteindelijk is ieder merk min of meer gelijk.

Waarom ik deze blog schrijf en ik je dit vertel…

Nou, het zit zo! Ik denk dat er velen zijn die zullen zeggen over wat ik hierboven geschreven heb. ‘Maar Greg, dat kun jij ook zijn’. Ik word namelijk zéér regelmatig uitgemaakt voor een ‘Fujifilm Fanboy’. Het verklaart ook direct de titel van deze blog.

En… inderdaad ik ben momenteel nog steeds behoorlijk tevreden over mijn Fujifilm apparatuur. Ik ben vooral blij dat ik lang geleden de stap al heb gemaakt van een zware en logge spiegelreflex naar een systeemcamera.

Weet je wat het is?

En waarom ik vind dat Fujifilm zulke fijne camera’s maakt?

En, ben ik eigenlijk wel een echte ‘fanboy’?

Ik ga het je vertellen! Wie mijn boek heeft gelezen weet al wat Fujifilm anders maakt dan de andere merken. Het zijn slechts twee kleine dingen die voor mij het verschil maken tussen Fujifilm of merk Y. De eerste is het bedieningsgemak en de tweede zijn de kleuren die deze camera’s kunnen produceren. De JPEG opnames die uit deze camera’s komen zijn zelfs subliem.

Wat mij bijzonder aanspreekt aan de camera’s die Fujifilm produceert is hun ‘retro’ gestyleerde look. “Ouderwets” van buiten, maar “Modern” van binnen. Wanneer ik met mijn X-Pro2 op stap ben wordt mij regelmatig gevraagd of ik nog analoog fotografeer. Dat is natuurlijk hartstikke leuk, maar die vraag wordt mij al niet meer gesteld zodra ik op pad ben met mijn X-H1. Toch vind ik ook dat een hele fijne camera in het gebruik. De reden is dan niet zozeer de looks van deze camera. Want de X-H1 is toch best een lelijk eendje onder de Fujifilm X-Serie.

Nee, het zit hem in het DNA. De wijze waarop deze camera’s van Fujifilm werken. De knoppen voor de sluitertijd, de wijze waarop je de ISO kunt instellen en bovenal de diafragmaring op de de objectieven om het diafragma in te stellen. Het ontbreken van de PASM knop (sorry X-T20 gebruikers) vind ik een verademing. Met deze camera’s hoef je niet in het menu te duiken om de ISO te wijzigen. Alle belangrijke functies zijn onder fysieke knoppen aanwezig. Misschien komt het wel omdat ik nog stam uit de tijd dat analoge fotografie nog heel gewoon was en dat iedere spiegelreflexcamera over zulke knoppen beschikte. Ik vind het domweg een genot om op deze wijze mijn camera’s te kunnen bedienen.

Een tweede reden waarom ik enthousiast ben over Fujifilm? De kleuren. Ze zijn uniek voor het merk en je kunt eraan afzien dat Fujifilm vele decennia ervaring heeft op het gebied van kleurbeleving. Met name de JPEG bestanden die rechtstreeks uit deze camera’s komen rollen zijn wonderbaarlijk mooi van kleurtoon.

Nu zullen een aantal van jullie mogelijk zeggen “Ja en? Je fotografeert toch RAW”? Natuurlijk! Fotograferen in RAW is superhandig, maar waarom fotografeert iedereen eigenlijk RAW? De eenvoudige reden is dat veel camerafabrikanten geen kaas hebben gegeten van kleurbeleving. Ze maakten tot voor het digitale tijdperk alleen de doosjes waar het filmrolletje in ging, maar van kleurbeleving hoefden ze geen verstand te hebben. Om die reden zijn de kleuren van de meeste camerafabrikanten dan ook niet bepaald direct ‘mooi’ te noemen op het moment dat ze direct uit de camera komen rollen. Je bent dus eigenlijk veel tijd kwijt in een RAW bewerker om je lelijk gekleurde foto’s’ weer mooi te laten ‘shinen’.

Tijd die je ook aan andere dingen had kunnen besteden in plaats van achter je computer. De JPEG bestanden die rechtstreeks uit de Fujifilm camera’s komen zijn uniek in hun soort en minstens zo goed als die RAW bestanden waar je uren tijd aan hebt moeten besteden om ze zo te krijgen zoals ze ogen. Als een camera je dus beelden kan geven die je niet hoeft te bewerken is dat dus eigenlijk super prettig!

Je zult je misschien afvragen waarom ik aan dit artikel foto’s heb toegevoegd van het zeilen? Nou dat zit zo. Een tijdje geleden heb ik gezeild op een oud schip. Een zogenoemde Hagenaar. Dat is een boot die aan het begin van de 20e eeuw stenen vervoerde naar Den Haag omdat die stad destijds enorm groeide. Omdat je niet zo heel vaak de kans hebt om op een dergelijke boot mee te varen bracht ik mijn X-Pro2 mee om er foto’s van te maken.

Ik had niet veel zin om die foto’s achteraf nog flink te moeten bewerken en dus heb ik gekozen voor de filmsimulatie ‘Provia’ en nog enkele tweaks gemaakt in de witbalans instelling waardoor deze foto’s nog meer ‘pit’ kregen. Wat je ziet is nauwelijks nog door Lightroom aangeraakt! Toegegeven, ik heb wel gebruik gemaakt van een polarisatiefilter.

Zien deze foto’s eruit als typische JPEG bestanden, zoals je die kent uit je Canon, Nikon of Sony? Ik geloof het niet! Dat komt omdat deze foto’s er direct nadat ze genomen zijn al lijken op foto’s die bewerkt zijn in een RAW editor.

Met wat handigheid een Fujifilm camera en wat achtergrondinformatie over deze camera’s kun je dus foto’s maken waar je achteraf niet of nauwelijks meer wat aan hoeft te doen. Dat levert mij dus een enorme tijdsbesparing op. Tijd die ik anders achter de computer had moeten doorbrengen om de foto’s zo te krijgen zoals je ze hier nu ziet.

Dat is dus de ware reden waarom ik enthousiast ben over Fujifilm camera’s. Niet zozeer om het merk zelf!

Ik kan namelijk nog steeds niet begrijpen waarom camerafabrikanten destijds het gemak van de de knoppen en een diafragmaring in de oude doos hebben gestopt om er vervolgens niet meer naar om te kijken. Juist die bediening via de knoppen en de diafragmaring is waarom ik zo enthousiast ben over deze camera’s. En die kleuren? Die zijn domweg gewoon erg prettig om naar te kijken. Zouden er andere camerafabrikanten komen die deze manier van het bedienen van een camera weer terugbrengen in hun nieuwe ‘spiegelloze’ modellen? Dan kunnen die merken mogelijk rekenen op hernieuwde belangstelling. En.. of ik een fanboy ben, dat mogen jullie vervolgens nu zelf bepalen.

Meer weten over Fujifilm X-Serie camera’s?

Ben je al een Fujifilm gebruiker, of zou je graag meer willen weten over Fujifilm camera’s uit de X-Serie, dan is er ook een hele leuke Facebook groep die ik onderhoud en waar je lid van kunt worden. ‘Fujifilm X-Serie Vraagbaak en Foto’s‘, is momenteel de grootste Fujifilm X community van de Benelux. Klik op deze tekst om lid te worden van deze groep.

Meer afbeeldingen

‘Dark Frames’ gebruiken als ruisonderdrukking bij lange sluitertijden.

– Zo doe je dat –

Wanneer je foto’s maakt met een lange sluitertijd (langer dan 10 seconden) kun je soms witte, rode, gele, groene, blauwe of magenta gekleurde stipjes zien in je foto. Dat zijn over het algemeen genomen géén kapotte pixels in je camera, maar zogenoemde ‘hot pixels’. Die pixels worden ook wel kleurruis genoemd.

In deze blog leg ik je uit hoe je deze ‘hot pixels’ kunt verwijderen door gebruik te maken van een ‘dark frame’ en Adobe Photoshop.

De foto waarbij de hotpixels nog niet zijn weggehaald met daaronder de bijbehorende Dark Frame.

Hot Pixels

Hotpixels ontstaan door warmteontwikkeling op de sensor. Je camera ziet daarbij dan ‘warmte’ aan voor een lichtdeeltje. Het resultaat is dat op die plek dan een pixel te zien is met een afwijkende helderheid en kleur ten opzichte van de rest van de foto.

Helaas zijn hotpixels nooit helemaal te voorkomen wanneer je opnames maakt met een (hele) lange sluitertijd. Iedere camera zal hier in meer of mindere mate last van hebben. Je zult begrijpen dat dergelijke pixels met een afwijkend kleurpatroon als héél storend kunnen worden ervaren. Met name bij een egale of donkere achtergrond vallen dergelijke hotpixels heel erg op.

Zoals ik je al verteld heb ontstaan die hotpixels door warmteontwikkeling op de sensor van je camera. Waar deze pixels exact in een opname zullen verschijnen kun je helaas nooit vooraf voorspellen. Net als dat je vooraf nooit kunt weten hoeveel pixels er door de sensor als hotpixel zullen worden geregistreerd. Wel is het zo dat naarmate de opnameduur langer wordt en de camera langer aan staat er meer hotpixels zullen ontstaan.

Gelukkig is het ook zo, dat zo lang de camera aan staat het per opname wel altijd dezelfde pixels zullen zijn die als ‘hotpixel’ worden geregistreerd. Pas wanneer de camera ‘uit-‘ en weer ‘aan-‘ wordt gezet zullen er weer andere pixels als ‘hotpixel’ door de sensor van je camera worden geregistreerd.

Lange Sluitertijd Ruisonderdrukking

Veel camera’s hebben een optie in het menu om de hotpixels onzichtbaar maken wanneer je fotografeert met een sluitertijd die langer is dan 10 seconden. Bij Fujifilm heet deze optie ‘Lange Sluitertijd Ruisonderdrukking’.

Door in de camera dit type ruisonderdrukking ‘Aan’ te zetten, worden deze hotpixels automatisch verwijdert. Dat doet je camera door niet één, maar twee foto’s te maken met exact dezelfde camera instellingen. De eerste opname is de registratie van hetgeen je wilt fotograferen. De tweede opname bestaat uit een foto met een gelijke duur van de sluitertijd, maar waarbij de sluiterbladen van je camera niet worden geopend.

Feitelijk bestaat die tweede foto dus uit een opname waarbij er ‘niets’ kan worden geregistreerd, omdat er bij deze tweede opname geen licht op de sensor valt.

Het resultaat; Een zwaar onderbelichte foto die we een ‘Dark Frame’ noemen. Juist deze tweede opname is voor de camera noodzakelijk om op zoek te gaan naar pixels met een afwijkend kleurpatroon. Want daar waar je camera op deze tweede foto een gekleurde pixel aantreft weet je camera dan dat het daarbij dan zal gaan om een ‘hotpixel’.

Deze als ‘fout’ geregistreerde pixel wordt door de camera vervolgens op de originele opname vervangen door een pixel met de juiste helderheid en kleurtoon. Op deze manier corrigeert je camera daarmee de fout in de originele opname en zie je de hotpixel nooit meer terug.

De tweede opname wordt door je camera overigens automatisch weggegooid, je zult hem daarom nooit tussen je RAW of JPEG bestanden op de geheugenkaart aantreffen.

‘Lange sluitertijd ruisonderdrukking’, maakt dus gebruik van het principe dat een extra opname met een exact gelijke sluitertijd, ook exact dezelfde hotpixels zal registreren en daardoor kan verwijderen. Het nadeel van deze methode (en camera-instelling) is wel dat het maken van de foto daardoor 2x zo lang duurt als de werkelijke belichtingstijd van de opname.

Maak je dus een foto met een belichtingsduur van 30 seconden, dan betekent dat dus dat er een opname gemaakt wordt van 30 seconden, plus een opname van een ‘Dark Frame’ met een opnameduur van 30 seconden. Tezamen kost het maken van de opname dan 1 minuut.

Maak je een opname met bijvoorbeeld een 10ND of 16ND filter, dan zijn sluitertijden van meerdere minuten niet ongebruikelijk. Zou je dan bijvoorbeeld een opname maken met een belichtingsduur van 6 minuten dan betekent dat dus ook dat het maken van het ‘Dark Frame’, je nog eens 6 minuten extra kost. Bij elkaar ben je dan dus per foto altijd minimaal 12 minuten kwijt!

Dark Framing – Zo doe je dat!

Bij het maken van nachtopnames waarbij je bijvoorbeeld een aaneensluitend sterrenspoor wilt maken is het bijvoorbeeld niet mogelijk om gebruik te maken van de in de camera ingebouwde ‘lange sluitertijd ruisonderdrukking’.

Wanneer je ‘Lange Sluitertijd Ruisonderdrukking’, dan ‘Aan’ hebt staan zou je nooit een mooie lange vloeiende lijn kunnen krijgen, maar krijg je als resultaat een stippellijn. Dat wordt veroorzaakt doordat je telkens veel te lang moet wachten voordat de volgende échte opname gemaakt kan worden.

Ook wanneer je veelvuldig gebruik maakt van ND filters, kan de wachttijd behoorlijk oplopen. Zeker wanneer je net als ik, het meestal niet laat bij één opname, maar bij een kleine serie opnames om zo later de ‘beste’ foto eruit te kunnen pikken.

Omdat het niet altijd mogelijk of wenselijk is om per foto zo lang te moeten wachten moeten we dus op zoek naar een andere methode die je uiteindelijk hetzelfde resultaat oplevert. Een foto zonder hotpixels.

Dat kan door zélf het ‘Dark Frame’ te produceren. Natuurlijk zijn daar wel wat voorwaarden aan verbonden. Het belangrijkste daarbij is dat de omstandigheden van het ‘Dark Frame’, zoveel als mogelijk overeen komen met de originele opname.

Dat betekent dus ook dat je het ‘Dark Frame’ alléén kunt produceren en direct moet gaan maken op het moment dat je klaar bent met het maken van de ‘laatste’ opname van de échte foto(’s).

De voorwaarden:
  1. Je camera mag niet worden uitgezet tussen het maken van de laatste (echte) foto en het maken van het ‘Dark Frame’.
  2. Plaats de lensdop op het aan de camera gekoppelde objectief, zodat er géén licht op de sensor kan vallen.
  3. De opname instellingen mogen niet worden gewijzigd!Dat betekent dus dat je voor het maken van het ‘Dark Frame’, je éxact dezelfde instellingen gebruikt. Sluitertijd en ISO instelling mogen daarbij dus niet worden aangepast.
  4. Maak nu de ‘Dark Frame’ opname; Dus vrijwel direct na de laatste serie ‘echte’ foto’s.
  5. De temperatuur van je camera moet zoveel als mogelijk is gelijk blijven wanneer je het ‘Dark Frame’ produceert. Je mag je camera dus niet in je tas stoppen, tijdens het maken van het ‘Dark Frame’.
  6. Om de ‘Dark Frame’ en hotpixels te verwijderen van de originele foto heb je Photoshop, of een gelijkwaardig beeldbewerkingsprogramma zoals Affinity Photo nodig. (Alleen Lightroom of enkel een andere RAW bewerker is niet voldoende!).

Het meest geschikte moment waarop je het ‘Dark Frame’ produceert is dus het moment waarop je eigenlijk klaar bent met fotograferen en je de boel gaat opruimen en inpakken om weer op weg naar de volgende locatie, of huis te gaan. Je hoeft zo per serie foto’s maar één ‘Dark Frame’ opname te maken. Deze opname gebruik je bij thuiskomst als referentie (per serie) van alle foto’s die je zojuist hebt gemaakt.

Hotpixels verwijderen door middel van je eigen ‘Dark Frame’ opname.

Bij deze methode ga ik ervan uit dat je Adobe Lightroom en Adobe Photoshop in je bezit hebt.

Je kunt eventueel ook een andere RAW bewerker of een ander programma als Photoshop gebruiken. Voor wat betreft het alternatief voor Photoshop is het dan wel belangrijk dat het programma dat je dan gebruikt wel over soortgelijke functionaliteit beschikt.

Lightroom is handig omdat je daarmee de mogelijkheid hebt om zowel het originele (bewerkte) fotobestand en het ‘Dark Frame’ tegelijkertijd als verschillende lagen in één (nieuwe) foto kunt openen.

  1. Importeer de foto’s in de RAW bewerker van je keuze inclusief de ‘Dark Frame’ opname.
  2. Bewerk de (RAW) opnames naar jouw smaak.
  3. Het ‘Dark Frame’ laat je uiteraard ongemoeid!
  4. Selecteer in Lightroom de (bewerkte) originele foto én selecteer de ‘Dark Frame’ opname.Dat doe je door eerst de (bewerkte) foto te selecteren en daarna de toets CTRL ingedrukt te houden om daarna ook de ‘Dark Frame’ opname aan te klikken.Nu je beide bestanden hebt geselecteerd, druk je op de rechtermuisknop en kies je uit de lijst die je nu te zien krijgt ‘Bewerken In > Open als Lagen in Photoshop’.Je kunt hetzelfde doen door in het menu te kiezen voor ‘Foto > Bewerken In > Open als lagen in Photoshop’.
  1. De foto is nu als achtergrond in Photoshop geopend.Het ‘Dark Frame’ als laag erboven.Als het goed is zie je nu niets van de foto zelf en zie je alleen de ‘Dark Frame’.Wanneer dat niet het geval is, moet je beide lagen even met elkaar verwisselen.
  2. Selecteer de onderste laag (foto) en maak een kopie van deze (achtergrond)laag.(CTRL + A), daarna (CTRL+C) Houdt de ‘ALT’ toets ingedrukt en selecteer het icoon ‘Maak nieuwe laag’. Noem deze nieuwe laag ‘Uitsmeren’ en plak vervolgens de gekopieerde inhoud van de foto op deze nieuwe laag (CTRL+V).Deze nieuwe laag is als het goed is nu geplaatst tussen de originele foto en het ‘dark frame’
  3. Selecteer nu uit het ‘Filter menu’ -> ‘Blur’ -> ‘Gaussian Blur’.Gebruik als waarde 2,4 pixels. Je smeert daarmee de foto dan net voldoende uit om de pixels voldoende met elkaar te laten mengen en waardoor kleurtoon en helderheid behouden blijven.
  4. Selecteer nu de laag met de ‘Dark Frame’ inhoud en hernoem deze laag ‘Dark Frame’.
  1. In Photoshop selecteer je nu de optie ‘Calculations’.Deze optie tref je aan onder het menu ‘Image’ (Image > Calculations).Er verschijnt nu een nieuw venster, met een inhoud die misschien op het eerste gezicht wat abracadabra lijkt wanneer dit de eerste keer is dat je deze mogelijkheid in Photoshop gebruikt.Source 1 – Geeft aan om welke afbeelding het gaat.Layer – Geeft aan over welke laag we de calculatie willen uitvoeren.In ons geval is dat de laag ‘Dark Frame’.Channel – Geeft aan over welk kleurkanaal we de calculatie willen uitvoeren.In ons geval het complete RGB kanaal. Dat noemt men ‘Gray’.Source 2 – Geeft aan om welke afbeelding het gaat.Layer – Geeft aan over welke laag we de calculatie willen uitvoeren.In ons geval is dat de laag ‘Dark Frame’. Channel – Geeft aan over welk kleurkanaal we de calculatie willen uitvoeren. In ons geval het complete RGB kanaal. Dat noemt men ‘Gray’. Blending – Geeft aan wat voor soort calculatie we willen uitvoeren. In dit geval willen willen we de helderheid van de hotpixels versterken. We kiezen daarom voor de optie ‘Screen’ De ‘Opacity’, of doorlaatbaarheid van het resultaat van de calculatie laten we op 100% ingesteld staan. De optie ‘Mask’ (Masker) vinken we niet aan! Result – Geef aan wat we met de uitkomst willen doen. In dit geval willen we een selectie maken van de hotpixels en daarom kiezen we hier voor ‘Selection’. Hierna klik je op ‘OK’. Je ziet nu (misschien), dat er een selectie is gemaakt van alle heldere pixels. Wanneer je nu niets ziet. Geloof me er is écht een selectie gemaakt van de ‘hotpixels’ in de laag ‘Dark Frame’.
  1. De volgende stap is vrijwel een herhaling van stap 9.Toch is er een verschil. Dus let goed op!Ga opnieuw naar de optie ‘Calculations’ via het menu ‘Image > Calculations’.Voor Source 1:Layer: Dark FrameChannel: ‘Selection’.We kiezen dus geen kleurkanaal, maar de voorgaande selectie die we zojuist hebben gemaakt. Voor Source 2: Layer: Dark Frame Channel: ‘Selection. We kiezen dus ook de voorgaande selectie als tweede bron voor de berekening die we willen uitvoeren. Blending: Screen We versterken hiermee de selectie en wat als een ‘Heldere’ (witte) pixel door Photoshop wordt waargenomen en tegelijkertijd zullen alle echt ‘Donkere’ pixels die we op de laag ‘Dark Frame’ waarnemen als ‘Zwart’ donker blijven. Door voor een tweede keer een berekening over de selectie uit te voeren maken we de selectie breder, of ruimer. Zo voorkomen we dat we alsnog ‘ruis’ opnemen in het masker dat we zo gaan maken. Als resultaat willen we wederom een ‘selectie’ overhouden. We kiezen daarom bij Result voor: Selection. Result: Selection Hierna klik je op ‘OK’.
  1. De laag met de inhoud van het ‘Dark Frame’ kun je nu in de prullenmand gooien.Deze laag heb je voor deze foto nu niet meer nodig (gooi dus niet het bestand weg, maar de geopende laag) in de prullenbak van het lagenpaneel.
  2. Omdat de laag ‘Uitsmeren’ tussen die van de originele foto en het ‘Dark Frame’ stond wordt nu automatisch de laag ‘Uitsmeren’ geselecteerd. Dit is nu de bovenste laag geworden.
  3. Druk nu op het icoontje ‘Laagmasker toevoegen’ in het lagenpaneel.De laag ‘Uitsmeren’ wordt hiermee afgedekt, met uitzondering van de ‘hotpixels’.Echter, omdat je deze laag via het filter hebt uitgesmeerd zullen lege plekken, waar eerder de hotpixels aanwezig waren nu worden opgevuld met een kleur en kleurtoon van de uitgesmeerde laag, waardoor de hotpixels eronder niet meer opvallen. Je hebt deze ‘foute’ pixels hiermee nu min of meer onzichtbaar gemaakt.
  4. Selecteer nu beide lagen. (ALT + CTRL + A)
  5. Voeg beide lagen nu weer samen tot één laag. (SHIFT + CTRL + E).
  6. Voila, je hebt de hotpixels nu uit je foto verwijdert.

Wanneer je foto’s hebt gemaakt van bijvoorbeeld een sterrenspoor, kun je eventueel eerst alle foto’s samenvoegen, om vervolgens als laatste de ‘Dark Frame’ opname te gebruiken om zo pas in de resultaatfoto de onbedoelde ‘hotpixels’ te verwijderen.

Het is uiteraard ook handig om van bovenstaande procedure een ‘Actie’ te maken in Photoshop.