Close

Tag Archive for: DSLR

Photokina 2018 roundup – De trend; grotere sensoren, snellere modellen!

De slag om ‘mirrorless’ is aanstaande!

Ongeveer een jaar geleden schreef ik het al op in mijn blog ‘De gebroken belofte van de DSLR‘. Het kon niet veel langer uitblijven en eigenlijk hoef je ook niet over een glazen bol te beschikken om in de toekomst te kijken. Gezond verstand vertelde mij toen al dat het geen jaren meer zou duren voordat Canon en Nikon zich serieuzer op zouden gaan stellen voor wat betreft het produceren van meer professionelere systeemcamera’s.

Hoe staat de cameramarkt ervoor?

Nog géén jaar later zien we nu dat Canon de Canon EOS R heeft geïntroduceerd en dat Nikon de markt betreed met de Nikon Z6 en Nikon Z7. Tegelijkertijd hebben we nu ook nog te horen gekregen dat Panasonic samen met Sigma in Maart 2019 een digitale 35mm camera op de markt gaat zetten die gebruik gaat maken van de Leica L-vatting. Daarmee zijn er nu vijf, of eigenlijk zes, camerafabrikanten die een digitale 35mm systeemcamera gaan voeren in hun assortiment.

Eigenlijk verwacht ik dat ook Olympus zich binnen niet al te lange tijd zich nog bij dit rijtje gaat aansluiten. Daarmee hebben vrijwel alle camerafabrikanten nu een serieuze systeemcamera in de markt staan met een sensor die gelijk of groter is dan 36x24mm.

Wat de toekomst ons brengt kan niemand zeggen, wel dat er duidelijke trends te zien zijn.

Voor Canon gaat op dat dit de 2e keer is dat zij haar gebruikers laat wisselen van lensvatting. Dat deed zij eerder al in 1987 toen Canon overstapte van de FD naar de EF vatting. Destijds noodzakelijk vanwege de introductie van autofocussystemen in analoge camera’s. Voor Nikon is dit de eerste keer in méér dan 60 jaar dat zij een nieuwe lensvatting introduceert voor een professioneel camerasysteem.

Voor wie al wat langer meedraait in dit wereldje kon al lang aan zien komen dat ‘spiegels’ en ‘prisma’s’ hun langste tijd hebben gehad. We leven nu eenmaal in een steeds verdergaande digitale wereld. Het is heus niet dat analoge technologie niet goed zou werken, maar de toekomst ligt nu eenmaal in verdergaande digitalisering van camerasystemen vanwege de goedkopere wijze waarop onderdelen kunnen worden geproduceerd én doordat volledig digitale camerasystemen ons in de toekomst meer mogelijkheden kunnen bieden dan met analoge technologie mogelijk is.

Fujifilm 50R – Medium Format binnen het bereik van iedere (semi-)professional en enthousiaste fotograaf.

Fujifilm daarentegen speelt hun eigen spel. Aan de ene kant hebben zij een unieke positie verworven binnen het APS-C segment en anderzijds valt zij de markt van bovenaf aan via hun GFX lijn. Om deze markt van de bovenzijde te kunnen benaderen ontbrak het Fujifilm nog aan een betaalbare Medium Format camera. Die is er nu in de vorm van de GFX 50R, waarbij de R staat voor Rangefinder. Ook al is dit zeker géén echte meetzoekercamera te noemen.

Het voordeel voor Fujifilm is dat zij daardoor momenteel nauwelijks last hebben van de concurrentie. Hierdoor heeft Fujifilm nu de nummer 2 plek ingenomen als het gaat om de markt van systeemcamera’s met verwisselbare objectieven.

Ontwikkelingen voor de nabije toekomst

De vraag was dus niet óf het zou gaan gebeuren, maar vooral wanneer. Systeemcamera’s hebben nu een volwassen stadium bereikt. Nieuwe sensoren en beeldprocessoren worden steeds sneller en binnen niet al te lange tijd zullen we ook camera’s gaan zien waarbij de sensor ook de taak van de sluiter gaat overnemen. Eerste gordijnsluiters in combinatie met elektronische sluiters en zogenoemde ‘stacked’ sensoren zijn slechts de eerste stap.

De tweede stap wordt genomen door zogenoemde ‘global shutters’. Dit zijn beeldsensoren die in één keer volledig uitgelezen kunnen worden. Dat betekent niet alleen dat we daarmee razensnelle sluitersnelheden kunnen krijgen, maar dat ook de mechanische sluiter erdoor in een camera wordt vervangen. De problemen van weleer met de huidige elektronische sluiters (niet kunnen flitsen, scheeftrekken van het beeld en gordijnvorming) zijn daarmee ook passé.

Panasonic verraste de markt door niet alleen een nieuwe digitale 35mm ‘Full Frame’ camera aan te kondigen, maar ook een ‘open’ lensvatting te gaan gebruiken die gebaseerd is op de Leica L-Vatting. Naast Panasonic heeft Sigma reeds toegezegd voor deze camera ook objectieven te gaan maken. 

Andere voordelen die we terugzien in systeemcamera’s zijn het over het algemeen genomen flink lagere gewicht van het totale systeem ten opzichte van een spiegelreflexcamera. Niet alleen dragen de spiegel en het prisma bij aan het extra gewicht van een DSLR. Doordat de sensor verder naar voren kan worden geplaatst bij een systeemcamera, kunnen objectieven voor dit type camera zonder spiegel (mits er gebruik wordt gemaakt van een voldoende grote lensvatting) ook compacter en daarmee lichter worden gemaakt.

Er zijn eigenlijk vier belangrijke redenen waarom de systeemcamera de toekomst heeft én waarom spiegelreflexcamera’s in steeds mindere mate aantrekkelijk zullen zijn voor gevorderde amateurs en professionals:

1) Een digitale zoeker is tegenwoordig zo helder en goed dat het verschil tussen een optische en digitale zoeker in helderheid en snelheid niet tot nauwelijks nog zichtbaar is.

Bovendien kent een digitale zoeker als groot voordeel dat je een te fotograferen scéne voorafgaand aan het maken van de opname al in zijn eindstadium voor wat betreft helderheid, kleur, contrast en scherptediepte hebt gezien. Je ziet vooraf al exact hoe de foto gaat worden. Het gehele ‘gokelement’ uit de belichtingsdriehoek wordt erdoor weggenomen.

2) Het autofocussysteem van een systeemcamera is véél nauwkeuriger dan het autofocussysteem zoals dat wordt toegepast in een digitale spiegelreflexcamera.

Problemen als ‘front-‘ en ‘backfocus’ zijn daarmee opgelost omdat de autofocusmeting plaats heeft via de sensor en daarmee parallel aan het te fotograferen object.

Bij een spiegelreflexcamera vindt deze meting plaats door een aparte en schuin in het spiegelhuisgeplaatste autofocusmodule. Door zijn schuine plaatsing in het spiegelhuis kan deze in een spiegelreflex nooit 100% nauwkeurig werken. Door schommelingen van de temperatuur en luchtvochtigheid moet om die reden het autofocussysteem van een digitale spiegelreflexcamera regelmatig worden gekalibreerd.

Daar komt nog bij dat de snelheid van het autofocussysteem van een systeemcamera tegenwoordig op gelijke voet staat met die van een spiegelreflexcamera. De laatste barriere waarbij een spiegelreflexcamera tot voor kort een voorsprong had is met de allerlaatste generatie systeemcamera’s geslecht.

3) Er kunnen door nieuwe en snellere beeldsensoren en processoren flink méér opnames per seconde worden gemaakt en met gebruikmaking van meer intelligente autofocussystemen. Denk hierbij bijvoorbeeld maar aan gezicht- en oogdetectie of ingebouwde beeldstabilisatiesystemen.

4) Er is een steeds verdergaande integratie tussen fotografie en video. Een spiegel en een mechanische sluiter staan deze ontwikkelingen nu nog enigszins in de weg, maar deze ‘problemen’ zullen binnen enkele jaren volledig zijn opgelost wanneer de zogenoemde ‘global shutter’ in een camera algemeen goed gaat worden.

Canon en Nikon hebben de afgelopen jaren uiteraard niet helemaal stil gezeten, maar ze hebben wel afgewacht hoe Sony, Fujifilm en Olympus het tapijt voor hen heeft uitgerold. In die tussentijd konden Canon en Nikon zo hun gebruikers tot het laatst uitmelken, terwijl Sony en Fujifilm grote investeringen hebben moeten doen om de systeemcamera als serieus alternatief tegenover de spiegelreflex te positioneren.Kortom; Sony en Fujifilm hebben het marketingwerk gedaan om dit productsegment tot een volwassen stadium te krijgen terwijl Canon en Nikon rustig achterover leunden om hun zo hun spiegelreflex gebruikers ‘zoet’ te houden.

De Nikon “Z6 / Z7Touch & Try Bar”  – Druk bezocht met wachtrijen oplopend tot méér dan 20 minuten..

Tot nu toe waren de pogingen van zowel Canon als Nikon daarom ook niet erg serieus te noemen. De Canon EOS M serie was uiteraard een heel aardige vingeroefening van Canon met een ‘dual pixel autofocussysteem’ en Nikon had met haar ‘1’ systeem een razendsnel autofocussysteem, maar beide camerasystemen zijn nooit echt serieuze alternatieven geweest voor gevorderde amateurs of professionele fotografen.

In beide gevallen kunnen we nu wel verwachten dat zowel het ‘Canon EOS M’ en het ‘Nikon 1’ systeem beide ten dode zijn opgeschreven nu zowel Canon als Nikon beide een serieus camerasysteem hebben geïntroduceerd.

Laten we eens kijken wat ik vorig jaar heb voorspeld en in hoeverre die voorspellingen nu eind September 2018 zijn uitgekomen:

1. Nikon en Canon zullen een serieuze systeemcamera introduceren gericht op de (semi-)professionele markt.

Deze voorspelling is in zijn geheel en voor de volle 100% uitgekomen. Sterker nog, we zijn nog niet klaar! Dit is pas het begin van een absolute omwenteling. De verwachting is dat aan het einde van de eerste helft van 2019 het aantal verkochte systeemcamera’s de vraag zal overtreffen van die van spiegelreflexcamera’s. Vanaf dat moment zal de markt in steeds snellere mate gaan veranderen en daarmee zal het tempo waarin systeemcamera’s de overhand krijgen in versneld tempo toenemen.

De reden waarom Canon en Nikon juist nu hun eerste serieuze systeemcamera’s op de markt zetten heeft alles te maken met de Olympische spelen van 2020. Die spelen vinden plaats in Tokyo en de camerafabrikanten willen die periode graag gebruiken om misschien wel de bekendste industrietak van Japan eens flink in de spotlights te zetten.

Door nu een serieuze systeemcamera te introduceren creëer je het fundament. Het stelt de fabrikanten in staat om kleine foutjes in hun eerste ontwerp te herstellen, het laat de markt versneld groeien en…. niet geheel onbelangrijk, je kunt niet in één keer een hele serie objectieven in de markt zetten. Zoiets kost tijd omdat onderzoek en ontwikkeling van dergelijke high-tech technologie behoorlijk wat inzet kost.

Hier melden graag! – Genodigden en de pers kregen een speciaal inkijkje in de nieuwe Nikon Z6 / Z7. 

Of deze nieuwe telgen van Nikon en Canon ‘professioneel’ zijn, dat laat ik in het midden. Alhoewel de inzet van Nikon aanzienlijk hoger is dan die van Canon. De Nikon Z6 en Z7 komen overeen in hun kunnen met de Nikon D750 en D850, terwijl de Canon EOS R niet echt boven het ambitieniveau van een Canon 6D MKII uit stijgt.

Voor wat betreft hun videomogelijkheden zijn beide systemen niet geheel ‘last generation’. Maar ook hier kun je zeggen dat de Nikon Z6/Z7 serieuzere camera’s zijn met hun 4K 30P en 120P ‘slowmotion’ mogelijkheid. 4K beelden worden daarbij over de gehele sensor opgenomen.

De Canon EOS R is daarbij in vergelijk een beetje een aanfluiting. Deze camera maakt voor het gebruik van haar videomogelijkheden gebruik van een gigantische cropfactor en in dat opzicht is het ook gelijk een typisch Canon product te noemen waarbij met bepaalde mogelijkheden ‘beschermd’ voor toekomstige (duurdere) modellen.

Voor wie echte topmodellen wil die zal nog moeten wachten tot volgend jaar. Waarschijnlijk zul je dan rond deze tijd (2019) gaan zien dat er nog serieuzer op deze markt zal worden ingezet met snellere en duurdere modellen die vergelijkbaar zullen zijn met de Nikon D5 en Canon 1DxMKII of beter. Deze modellen zullen in ieder geval niet later worden geïntroduceerd dan het voorjaar van 2020.

De Canon “Touch and Try hoek” – Niet druk bezocht…

2. Nikon en Canon zullen gebruik gaan maken van een nieuwe lensvatting.

Een nieuw camerasysteem zoals een systeemcamera heeft alleen toegevoegde waarde als daarbij ook optimaal gebruik wordt gemaakt van nieuwe mogelijkheden die zo’n systeem te bieden heeft. Doordat de sensor in een systeemcamera verder naar voren kan worden geplaatst kunnen objectieven compacter en eventueel lichter en vooral ook lichtsterker worden gemaakt. Dat komt ten goede aan de scherpte en het oplossend vermogen.

Om die reden was het eigenlijk altijd al de verwachting dat zowel Canon als Nikon een nieuwe lensvatting voor hun nieuwe camerasysteem zouden gaan ontwikkelen. Wie nu nog een spiegelreflexcamera in zijn bezit heeft doet er héél verstandig aan om nu echt serieus en goed na te gaan denken hoe hij zijn migratie naar een systeemcamera gaat invullen.

Blijf je bij je merk? Verander je van merk en waarom? Wanneer wil je ‘over’ gaan? Dat zijn de belangrijkste vragen die jij je als bezitter van een spiegelreflexcamera nu moet gaan beantwoorden.

De ‘lens Roadmap’ van Nikon. Serieuze objectieven voor een serieus systeem.
Een duidelijke afweging tussen lichtsterkte en gewicht.

Mijn persoonlijke mening is dat het zéér onverstandig is om nog langer te blijven investeren in een digitaal spiegelreflexsysteem, óf om daarvoor nog langer (brand)nieuwe objectieven te kopen.

De investering die je daar nu nog in gaat doen zul je dan in versneld tempo en tegen steeds lagere (2e hands)prijzen moeten afschrijven. Ik wil je nog maar eens wijzen op de prijzen die je nu betaald voor een analoog objectief. Dergelijke prijzen zullen uiteindelijk ook worden gegeven voor je huidige dure L-objectieven of ‘Goldring’ glas.

Wil je helemaal overstappen van merk? Dan is het waarschijnlijk het meest verstandig om je huidige objectieven zo snel mogelijk van de hand te doen.

Of overstappen van merk uiteindelijk ‘nuttig’ is of niet, daar doe ik geen harde uitspraak over. Dat moet ieder voor zich maar uitmaken. Tegelijkertijd; Ik kan je vertellen ‘Het gras is niet altijd groener bij de buren’. Doe dus goed én gedegen onderzoek voordat je een dergelijke volledige stap overweegt.

Laat je niet zomaar leiden door wat er soms gezegd wordt. Soms kloppen sommige van die uitspraken niet, of zijn ze niet volledig en soms  lijkt een overstap mooi omdat een fabrikant gebruik maakt van de laatste technologie. Dat wil dan niet automatisch zeggen dat die fabrikant dan ook om je ‘geeft’ als fotograaf, of dat hij het ‘beste’ met je voorheeft.

Er zijn situaties en camera’s te koop waar technologie en het gadget gehalte belangrijker lijkt te zijn dan dat de camera een werkpaard is voor jou als fotograaf. Trap niet in die valkuil! Marketing is mooi, maar het kan je hoofd ook danig op hol brengen dat je niet rationeel meer nadenkt over de gevolgen van je keuze.

De stand van Sony – Stilte voor de storm die te wachten staat.

Uiteraard hoef je niet direct in één klap alles de deur uit te doen. Er zijn immers voor zowel het Canon EOS R als ook voor het Nikon Z systeem adapters te krijgen die het mogelijk maken om je ‘oude’ glaswerk nog een tijdje te kunnen gebruiken. Dat verzacht wellicht ietwat de pijn. Het neemt echter niet weg dat je huidige ‘EF’, ‘Goldring’ of ‘Sigma Art’ objectieven voor je Canon of Nikon DSLR op de langere termijn steeds minder waard zullen worden.

Voor Canon worden er een drietal adapters op de markt gebracht waarbij deze te koop zullen zijn van héél eenvoudig tot slim en handig. Bijvoorbeeld doordat er een filtersysteem in is aangebracht.

De adapter van Nikon is overigens zéér slim en doordacht en waarbij bijna alle 320 beschikbare objectieven voor de 60-jarige Nikon F-vatting ook gebruikt kunnen worden op de nieuwe Nikon Z camera’s. Dat is dus een knap staaltje werk. Helaas betekent het wel dat objectieven zonder autofocusmotor handmatig zullen moeten worden scherpgesteld.

Mijn verwachtingen voor de nabije toekomst

Natuurlijk heb ik niet de beschikking over een glazen bol, maar ga ik af op de marktontwikkelingen zoals ik die zie. Er is veel wat we nog niet weten. Zo ben ik bijvoorbeeld erg benieuwd hoe Canon haar nieuwe R lijn gaat uitbreiden.

Speelt Canon op safe en gaan ze eerst de consumentenmarkt bespelen zoals we nu eigenlijk al zien met de EOS ‘R’ op de wijze waarop Canon die nu heeft geïntroduceerd, of zet Canon komend jaar ‘vol’ in op een méér professioneler model?

Één ding weet ik wel. Canon heeft een aantal serieuze objectieven op haar roadmap geplaatst die niet echt passen bij de camera zoals die is geïntroduceerd. Ook ben ik er niet zeker van of Canon er goed aan heeft gedaan om gelijk in te zetten op zulke lichtsterke objectieven.

Niet zozeer vanwege hun geweldige lichtsterkte, maar vooral omdat dergelijke objectieven gepaard gaan met een groot gewicht en een flink prijskaartje. Mijn persoonlijke idee is dat de consument en zelfs de professional daar juist nu even niet op zit te wachten.

Naar mijn idee heeft Nikon dat slimmer aangepakt door eerst te komen met een serie f1.8 en f4.0 objectieven om pas vanaf de 2e helft van 2019 meer lichtsterker glas te introduceren. Niet alleen bestaat daardoor de mogelijkheid dat gebruikers van haar ‘Z’ systeem tot twee keer toe zullen investeren.

Maar, vooral betekent een serie objectieven met een iets minder grote lichtsterkte dat de objectieven betaalbaar blijven en bovendien, heel belangrijk; relatief licht van gewicht zullen zijn.

Bovendien heeft Nikon al door laten schemeren dat er een spiegelloze variant in de pijplijn zit van haar Nikon D5. Ook hier ligt het voor de hand dat deze camera ergens in de 2e helft van volgend jaar of anders begin 2020 zal worden geïntroduceerd met het oog op de Olympische Spelen in Tokyo van dat jaar.

Kodak Print Service – “The joy of Photography wall”.

Wat nog niet helemaal duidelijk is, zal zijn of Canon en Nikon ook met spiegelloze APS-C modellen de markt voor systeemcamera’s zullen gaan betreden. Voorlopig is de trend ingezet op de productie van camera’s met digitale 35mm full frame sensoren (of groter) en lijkt APS-C een minder belangrijke rol te gaan krijgen.

Dat is opmerkelijk want momenteel zijn nog steeds 2 op de 3 verkochte camera’s met verwisselbare objectieven camera’s met een dergelijke sensor. APS-C is dus voor camerafabrikanten eigenlijk een héél belangrijk marktsegment dat nu nog steeds open en bloot ligt voor Fujifilm.

Daarbij gelijk opmerkend dat haar nieuwe Fujifilm X-T3 (haar 4e generatie systeemcamera’s) een razendsnel autofocussysteem aan boord heeft en als camera zéér professionele aspiraties toont. Hoe langer Canon en Nikon wachten hoe lastiger het wordt om hun éérste generatiecamera’s net zo stevig te positioneren.

Bijkomend probleem voor Canon gebruikers is dat Canon vaak heeft gezegd dat haar EF-S objectieven een toekomst zouden hebben, terwijl nu blijkt dat de nieuwe RF-vatting geen enkele ondersteuning kan bieden voor deze objectieven.

Kortom, als je van een Canon spiegelreflex camera met APS-C sensor afkomt en je wilt graag naar het Canon ‘R’ systeem dan heb je helemaal niets meer aan je oude EF-S objectieven en heb je dat geld en die investering eigenlijk gewoon weggegooid. Misschien is dat ook wel wat Canon graag wilt dat je doet. Alles opnieuw kopen om zo extra omzet te kunnen genereren.

Olympus “Playground” – Opvallende bijkomstigheid van de Photokina 2018 was dat zowel Olympus als Sony niets nieuws te brengen hadden.

Opvallend aan deze Photokina 2018 was het gegeven dat Sony géén enkele camera heeft geïntroduceerd, misschien wel om een dijk op te werpen tegen de storm die hen te wachten staat.

Er is immers in principe geen reden meer om als Canon of Nikon gebruiker volledig over te stappen op het systeem van Sony als je eenvoudig via een adapter al je oude objectieven kunt gebruiken op een camerasysteem van een merk waarmee je vertrouwd bent.

Ik verwacht dan ook dat met name Nikon gebruikers héél goed zullen kijken naar wat het ‘Z’ systeem te bieden heeft en in mindere mate verwacht ik hetzelfde van Canon gebruikers die nu kunnen kiezen voor de EOS R.

Tel daarbij op dat Sony met haar E-Mount eigenlijk een lensvatting gebruikt die eigenlijk bedoeld was voor een APS-C camera en slechts bij toeval toepasbaar was voor een digitale 35mm camera. Doordat de doorsnede van deze Sony lensvatting eigenlijk te klein is  moeten objectieven met E-Mount vatting veel sterker worden gecorrigeerd met name op chroma, hoekonscherpte en vignetvorming.

Op het gebied van beeldkwaliteit zal Sony straks een harde dobber hebben om overeind te blijven. De enige methode om dit probleem te bevechten is met méér technologie en lagere prijzen. Maar dat resulteert nu al in het gevoel een computer in de hand te hebben dan dat het een camera is waarmee je plezierig fotografeert.

Kortom met binnenkort 5 spelers op dezelfde markt voor digitale 35mm systeemcamera’s zal de concurrentie een flinke impact gaan hebben op de omzetcijfers van Sony.

Tel daarbij op dat het aantal Canon en Nikon gebruikers véél groter is dan het aantal Sony fotografen. Plus het gegeven dat veel cameragebruikers tamelijk honkvast zijn betekent dit dat Sony heel veel te verliezen heeft.

Zeker als zal blijken dat veel van die Sony gebruikers mogelijk een overstap terug naar hun oude merk mogelijk in overweging zullen nemen. In hoeverre dit laatste zal gaan gebeuren is de vraag. Het is in ieder geval een risico, omdat veel van die Sony gebruikers hun oude objectieven nooit de deur uit hebben gedaan.

Kortom, Sony zal er dus alles aan gaan doen om méér fabrikanten van objectieven binnenboord te krijgen om zo de concurrentie vanuit met name Nikon en Canon voor te blijven. Hoe lang dat goed zal gaan is maar de vraag omdat dit mede afhankelijk is van de snelheid waarmee Canon en Nikon objectieven uit zullen brengen voor hun eigen nieuwe systemen.

De stand van Olympus – De enige cameraanbieder waarbij ‘beleving’ centraal stond.

Hoe dan ook de komende 9 maanden zullen spannende tijden worden voor de camerafabrikanten. Vooral omdat éénieder nu zo’n beetje de posities heeft ingenomen. Één ding is zeker het wordt oorlog op de markt voor systeemcamera’s en met name op het marktsegment voor ‘Full Frame’ systeemcamera’s zal er een flink gevecht uitgevochten gaan worden. Of en wie de slachtoffers worden is momenteel nog lastig in te schatten.

De startpositie van Canon schat ik momenteel het minst gunstig in, maar daartegenover staat wel een gigantisch marktaandeel met evenzoveel Canon gebruikers. Nikon heeft een sterk systeem op de markt gezet, ondanks een kleine marketingblunder door het ontbreken van een tweede kaartslot. Sony heeft het meest te verliezen. Namelijk haar complete marktpositie. Panasonic? Ik vermoed dat zij een kleine speler op deze markt zullen blijven en waarbij het hen niet gaat lukken om een dikke vinger in de pap te krijgen.

Voor wat betreft Fujifilm? Die hebben stelling ingenomen door te kiezen voor APS-C en Medium Format, of Super Full Frame zoals ze het zelf graag noemen. Zij zullen buitenstaander zijn bij het aankomende gevecht en kunnen, als ze het slim spelen, redelijk ongeschonden uit die strijd komen, al vermoed ik wel dat zij wat schaafwonden zullen oplopen.

We zijn momenteel getuige van de start van ‘The war on mirrorless’. In eerste instantie lijkt die te gaan om het sensorformaat dat de meeste potentie heeft. Tegelijkertijd zal die oorlog worden uitgespeeld op wie het meeste waar voor zijn geld kan bieden. Dat zal zich dus gaan uiten in een prijzenoorlog. Goed voor de eindgebruiker, mits hij het juiste systeem kiest. Welke dat is, dat durf ik niet te voorspellen.

De gebroken belofte van de DSLR…

De eerste spiegelreflex camera’s deden hun intrede rond het midden van de vorige eeuw. Merken als Praktica, Pentax en Yashica. Je hebt er ongetwijfeld weleens van gehoord Het waren de Canon, Nikon en Minolta’s van die tijd! Ze werden in korte tijd reuze populair vanwege hun grote betrouwbaarheid en bedieningsgemak. Canon en Nikon zelf waren destijds eigenlijk nog maar kleine spelers. Hun populariteit kwam pas opzetten na het midden de jaren zestig en zeventig, omdat ze voor die tijd vooruitstrevende nieuwe technologieën toepasten in hun spiegelreflexen.

Wet van de remmende voorsprong

Je kon Canon en Nikon destijds vergelijken met wat Sony en Fujifilm momenteel aan het doen zijn in de markt voor systeemcamera’s. Het is dus niet zo dat Canon en Nikon altijd al grote spelers in de fotografiemarkt zijn geweest. Dat is vooral te danken geweest aan hun innovatiekracht uit de vorige eeuw.

Diezelfde innovatiekracht heeft Canon en Nikon ook rond de eeuwwisseling nog weten door te zetten, waardoor digitale fotografie de afgelopen twintig jaar razend populair is geworden. Die eerste digitale camera’s van Canon en Nikon waren eigenlijk helemaal niet zo heel erg goed. Ze beschikten voor die tijd over slechts een paar megapixels en de batterijduur was net als met menig systeemcamera van nu, niet echt iets om over naar huis te schrijven.

Het is dus niet zo vreemd dat veel fotografen die al jaren werkten met een analoge spiegelreflexcamera wat aarzelend tegenover deze nieuwe techniek stonden. Analoog zou volgens hen altijd wel beter blijven dan wat een digitale spiegelreflex te bieden kon hebben.

Het grote gemak en de snelheid waarmee je echter foto’s kon maken en direct terug kon kijken was doorslaggevend voor het succes van de digitale spiegelreflexcamera. Tussen 2004 en 2012 groeide deze markt voor digitale spiegelreflexcamera’s dan ook exponentieel.

De introductie van de smartphone (iPhone) in 2008 leek in eerste instantie weinig impact te hebben op de verkoopcijfers. Die bleven voor de spiegelreflexcamera’s de pan uitrijzen. Tot…. In 2012 de markt verzadigd raakte en het hoogtepunt voor de DSLR werd bereikt. Net op het moment dat Sony, Panasonic, Olympus én Fujifilm allen hun eerste generatie systeemcamera’s op de markt zette.

Cijfers CIPA

De daling van de huidige markt van de spiegelreflexcamera’s wordt vaak toegewezen aan de opkomst van de smartphone. En ondanks dat dit ongetwijfeld een rol speelt, verklaart dat nog steeds niet waarom de markt voor de digitale spiegelreflexcamera’s zo hard krimpt terwijl de relatief nieuwe markt voor systeemcamera’s nauwelijks last heeft van een daling gedurende dezelfde tijdperiode waarin deze verandering van de markt zich aftekent.

Één ding is in ieder geval duidelijk! De smartphone én de systeemcamera zijn reuze populair terwijl de spiegelreflex het sinds 2012 zwaar voor de kiezen heeft gekregen. En, wanneer we naar de algehele tendens kijken ziet het er voor diezelfde spiegelreflex ook weinig rooskleurig uit.

Wie momenteel voor de keuze staat om een nieuwe (of zijn eerste) camera met verwisselbare objectieven aan te schaffen doet er héél verstandig aan om eerst héél goed na te denken voordat hij/zij zich verbind aan een bepaald systeem of merk. De twee grote merken van weleer zijn de afgelopen jaren weinig innovatief geweest en ze hebben tot nu toe nog maar weinig interesse getoond in nieuwe technieken en technologieën.

Wanneer je dus een nieuwe camera wilt gaan kopen moet je jezelf serieus de vraag stellen of het in 2018 nog steeds verstandig is om in te stappen in de markt voor spiegelreflexcamera’s, of om je huidige spiegelreflex te vervangen door een nieuwe spiegelreflex camera. Er zijn immers tegenwoordig al betere alternatieven verkrijgbaar en hoe je het ook wendt of keert systeemcamera’s hebben in alle opzichten de toekomst…

De toekomst ligt in systeemcamera’s

Uiteraard kun je dat blijven ontkennen door steeds terug te verwijzen naar het slechte batterijverbruik of dat de elektronische zoeker je geen vervanging zou kunnen zijn voor de optische zoeker in een spiegelreflex camera. Maar dan vergeet je dat het batterijverbruik van de eerste spiegelreflexcamera’s ook niet al te best was en dat destijds de resolutie ook niet om over naar huis te schrijven is geweest. Al die ‘problemen’ waren na een paar jaar verholpen en hetzelfde zie je nu gebeuren bij de systeemcamera’s.

Iedere nieuwe generatie systeemcamera’s kan worden gezien als een volledig nieuwe revolutie, waarbij er telkens grote stappen worden gemaakt tussen het oude en het nieuwe model.

Neem nu bijvoorbeeld de elektronische zoeker (EVF). Bij de eerste generatie systeemcamera’s waren deze inderdaad behoorlijk traag en dat veroorzaakte een schokkerig beeld en maakte het welhaast onmogelijk om bewegende onderwerpen blijvend te kunnen volgen en fotograferen. Ook was hun resolutie destijds niet heel erg groot en liet de helderheid soms ook nog weleens te wensen over. Geen wonder dat sommigen destijds nog terug verlangde naar de optische zoeker.

De slogan en advertentie zoals een tweetal jaar geleden al door Fujifilm werd gebruikt. 

Maar wie vandaag de dag een systeemcamera van de laatste generatie ter hand pakt zal al snel zien dat alle bovengenoemde ‘problemen’ nu volledig zijn verholpen. Het beeld dat je door de elektronische zoeker ziet is tegenwoordig zéér helder, kijkt rustig en werkt volledig zonder vertraging. Sterker nog de laatste generatie elektronische zoekers heeft zelfs geen last meer van ‘black out’ tussen de beelden door. Iets dat onmogelijk zal blijven voor een spiegelreflex omdat het opklappen van de spiegel er altijd voor zal zorgen dat de fotograaf het zicht ontnomen wordt.

Daar komt nog bij dat de elektronische zoeker je in staat stelt om voorafgaand voor het maken van de opname je het volledige ‘plaatje’ al laat zien inclusief de belichting én scherptediepte. Het complete gokelement van hoe de foto zal gaan worden wordt met een elektronische zoeker weggenomen. Want naast de informatie omtrent de lichtmeting en het actuele histogram, zie je ook exact de helderheid van de opname door de elektronische zoeker. De mogelijkheden zijn bijna ongekend en wie tegenwoordig door de zoeker van een systeemcamera kijkt zal bijna niet doorhebben dat het een digitaal beeld betreft.

Een ander puntje van kritiek was de snelheid van het autofocussysteem. Ook dat probleem is tegenwoordig volledig verholpen, waarbij er net als bij een spiegelreflexcamera gebruik wordt gemaakt van fasedetectie autofocus die zowel horizontale als verticale objecten goed kan herkennen. De autofocussystemen in de huidige generatie systeemcamera’s is nu net zo goed, en soms zelfs al beter dan die we terugvinden in de spiegelreflexcamera’s van dezelfde generatie.

Hebben we het nog niet gehad over het aantal beelden per seconde dat een systeemcamera tegenwoordig kan maken. Zijn de meest spiegelreflexcamera’s beperkt tot maximaal 8 of 11 beelden per seconde doordat de spiegel steeds op en neer moet klappen. De nieuwste generatie systeemcamera’s doen met enig gemak 14 tot zelfs 20 beelden per seconde bij een camera met een gelijke resolutie. Dat alles dankzij het gegeven dat de spiegel geen beperkende factor meer is.

Doordat een systeemcamera een spiegelloze camera is en daarmee dus geen spiegel en pentaprisma meer hoeft te huisvesten maakt dat ook nog eens dat het spiegelhuis niet zo diep meer hoeft te zijn en kan het sensorhuis dus platter worden gemaakt. Bovendien is er geen pentaprisma meer nodig en dat alles bij elkaar zorgt ervoor dat een systeemcamera flink kleiner en lichter is dan een digitale spiegelreflexcamera.

Wanneer je al deze aspecten van een systeemcamera bekijkt zie je al snel hoe veelzijdig deze camera’s zijn en waarom hun populariteit zo snel toeneemt. In vrijwel geen enkel opzicht is de spiegelreflex momenteel nog beter of sterker in zijn kunnen dan de huidige generatie systeemcamera’s.

Zelfs de grote jongens beginnen dit nu te erkennen en het ligt volledig in de lijn der verwachting dat zowel Canon als Nikon nog dit jaar met een serieuze systeemcamera de markt zullen betreden. Canon houdt al maanden uitverkoop en Nikon heeft afgelopen najaar al toegezegd dat zij in 2018 een digitale 35mm systeemcamera op de markt zullen zetten. Beide bedrijven hebben in ieder geval een flink deel van hun ontwikkelings- en marketingbudget opzij gezet voor een nieuwe serie systeemcamera’s en daarmee slaan ze zelf de laatste spijkers in de doodskist van de digitale spiegelreflex. De tweede helft van 2018 gaat daarmee ongetwijfeld een schok teweeg brengen bij DSLR gebruikers. Let maar op!

Marktaandeel

De opkomst van de smartphone heeft ervoor gezorgd dat de vervangingsmarkt voor spiegelreflexcamera’s is gekrompen en de huidige generatie systeemcamera’s vormt daar bovenop ook nog eens een prima alternatief voor diezelfde spiegelreflex. Het is dus niet vreemd dat de verkoopaantallen in het marktsegment ‘digitale spiegelreflexcamera’s’ ieder jaar flink terugloopt. De eerste twee maanden van 2018 laten bovendien wederom een krimp van het aantal verkochte spiegelreflexcamera’s zien.

Nu zeggen twee verloren maanden uiteraard niets over het hele jaar, maar in diezelfde periode is het aantal verkochte systeemcamera’s wel weer gestegen. De trend lijkt daarmee dus wel gezet. Het zal je dus niet verbazen dat zowel Canon als Nikon steeds verder onder druk komen te staan en dat is geen speculatie, maar zijn gewoon harde feiten die je ook terug kunt zien in de verkoopaantallen die de camerafabrikanten zelf bekend maken via CIPA. Het overkoepelende orgaan waar alle camerafabrikanten bij zijn aangesloten.

Cijfers CIPA

Zoals je zelf kunt zien is het totaal aantal jaarlijks verkochte digitale spiegelreflexcamera’s sinds 2012 méér dan gehalveerd. Die daling is niet alleen toe te schrijven aan de opkomst van de smartphone, maar wordt ook veroorzaakt doordat een flink aantal spiegelreflex fotografen reeds zijn overgestapt naar een systeemcamera, waardoor dit marktsegment de afgelopen jaren vrijwel stabiel is gebleven en over het afgelopen jaar zelfs een flinke stijging heeft laten zien.

Voor wat betreft de markt voor digitale spiegelreflex camera’s zijn er eigenlijk maar twee spelers Canon en Nikon. Pentax en Sony zijn in dat marktsegment zo klein dat je ze met een gerust hart mag vergeten.

Uiteraard kun je zeggen dat de digitale spiegelreflex nog een flink marktaandeel heeft. Twee van de drie verkochte camera’s betreft immers nog steeds een spiegelreflex. Tegelijkertijd zie je ook dat de systeemcamera aan een flinke opmars bezig is.

Cijfers CIPA

Wanneer we de camerafabrikanten zelf mogen geloven, dan verwachten ze allemaal, inclusief Canon en Nikon dat 2019 weleens het jaar kan zijn dat het kantelpunt wordt bereikt. Daarmee zien zelfs de twee grote reuzen in dat de opkomst van de systeemcamera niet meer te stoppen is. Sony en Fujifilm doen dus beide momenteel goede zaken, waarbij Sony zich nestelt in de markt voor digitale 35mm systeemcamera’s en Fujifilm zich richt op de markt voor APS-C en Medium Format systemen.

De toekomst voor Canon en Nikon: Het is nog niet te laat!

Canon en Nikon kunnen dus niet veel langer meer stil blijven zitten. Ze worden nu min of meer door de marktontwikkelingen zelf gedwongen om in actie te komen. Hoe zij dat exact gaan doen is nu nog niet precies bekend, maar zeker is al wel dat er wat staat te gebeuren.

Nikon heeft afgelopen najaar al bekend gemaakt dat zij bezig zijn met een ‘full frame’ systeemcamera en Canon houdt al maandenlang een grote uitverkoop op al haar spiegelreflexcamera’s.  Dat doet zij niet alleen om marktaandeel te behouden en om (nieuwe) fotografen te binden aan hun eigen ecosysteem, maar ook om zoveel mogelijk van hun voorraden weg te werken.

Bij monde van Canon directeur en CEO Fujio Mitarai zegt Canon dat zij binnenkort zullen komen met enkele camera’s die het marktsegement van systeemcamera’s zou moeten gaan domineren. Of dat nog lukt is maar de vraag. Het zou zo maar eens kunnen zijn dat Canon de boot gaat missen en het is daarmee voor hen heel belangrijk om een juiste marketingstrategie te kiezen.

Zeker als die productlancering gepaard zal gaan met een nieuwe serie objectieven, wat door sommigen wordt verwacht. Dit zou namelijk een aanzienlijke inkomstenstroom kunnen opleveren vanwege het gegeven dat veel gebruikers daardoor min of meer verplicht worden om op den duur niet alleen hun camera te vervangen, maar ook hun complete arsenaal aan objectieven. Bovendien kan dit ervoor zorgen dat de overstap naar verschillende camerafabrikanten uiteindelijk weer wordt bemoeilijkt doordat de objectieven dan niet meer zullen passen op de camera’s van die andere fabrikanten.

Een soortgelijke stap wordt overigens ook verwacht van Nikon, waarbij er al enkele malen patenten voorbij zijn gekomen voor objectieven met een ‘Z-Mount’. Een dergelijke lijn van objectieven bestaat nu nog niet van Nikon en daarmee ligt het voor de hand dat hun nieuwe serie systeemcamera’s ook een nieuw type objectieven gaat krijgen. De vraag is daarmee, is het nu nog verstandig om te investeren in een spiegelreflex camera?

Nu nog investeren in een DSLR verstandig?

Wanneer je alle gegeven feiten objectief op tafel legt, kan ik mij niet voorstellen dat het momenteel nog verstandig is om juist op dit moment nog een nieuwe digitale spiegelreflex camera aan te schaffen of, wanneer je al over een DSLR beschikt, deze nog te vervangen voor een nieuwe spiegelreflex camera.

Wanneer je nu toch nog tot aanschaf overgaat, vergewis jezelf er dan van dat je dan over een aantal jaar te maken zult krijgen met een enorme afschrijving op je apparatuur en de mogelijkheid dat je op dat moment je camera en objectieven aan de straatstenen niet meer kwijt zult raken. Net als dat niemand nu nog echt geïnteresseerd is in een analoge spiegelreflex.  Exact hetzelfde zal gebeuren met je huidige apparatuur als wat er destijds met analoge camera’s en lenzen is gebeurt.

Diegenen die het hardst blijven ontkennen dat het einde van de spiegelreflex nabij is, zullen het hardst worden getroffen. De tweedehandsverkoopwaarde van spiegelreflex camera’s en objectieven zullen de komende jaren kelderen en wie mij niet gelooft moet even bij de betere fotovakhandel binnenlopen en even in de kast kijken waar de tweedehandsspulletjes staan.

Ik ken cameraverkopers die hun kasten momenteel al vol hebben staan en alleen inruilen omdat zij waarde hechten aan hun klant. Niet omdat zij denken nog veel te kunnen gaan verdienen aan al die tweedehands apparatuur die in hun verkoopkasten liggen te verstoffen.

Een vitrinekast met 2e hands digitale spiegelreflexcamera’s van een willekeurige fotospeciaalzaak.

Laten we vooral niet sentimenteel doen, maar puur kijken naar de harde feiten en die liegen er gewoon niet om. En… in tegenstelling tot die oude analoge camera en de LP, zullen er uiteindelijk geen nostalgische gevoelens ontstaan voor de digitale spiegelreflex camera’s. Die zullen gewoon in grote getale bij het oud vuil worden gedumpt. Die koop je straks gewoon voor een Eurootje of wat in de kringloopwinkel, zoals je daar nu ook massaal klik-klakklaar digitale camera’s vindt voor een vijfje.

Geloof me. Uiteindelijk zal binnen een jaar of 10 iedereen met een systeemcamera rondlopen. Er is geen toekomst voor de digitale spiegelreflex.

Weest verstandig wanneer je op het punt staat om een nieuwe digitale spiegelreflex camera te kopen. Denk er nog eens een nachtje over na. Houd je oude DSLR er desnoods nog even bij, maar koop zeker geen nieuwe. Het is zonde van je geld!

Je mag mijn advies uiteraard in de wind slaan. Maar zeg dan later niet dat het allemaal wat onverwachts kwam en dat de snelheid waarmee de overgang van spiegelreflex naar systeemcamera’s ging toch wat sneller ging dan je had verwacht. Ik heb je gewaarschuwd!

Ik ga je dus niet zeggen welk merk je dan wel moet kopen, of waarom ik merk X boven merk Y prefereer. Velen van jullie zullen mijn voorkeur kennen, maar de keus voor het merk en het ecosysteem waar jij je vervolgens aan verbind is uiteindelijk een persoonlijke. Die afweging zul je dus zelf moeten maken.

Een ding weet ik in ieder geval zeker en dat is dat de belofte dat de DSLR nog een lange toekomst voor zich heeft nu definitief is gebroken…